Van het Vlaams Blok naar het Vlaams Belang. Een gewijzigde houding in de Vlaamse dagbladpers? (Lieve Dierickx)

 

home lijst scripties inhoud vorige volgende  

 

1. Extreem - rechts in de vierde macht: een levendig debat

 

Hoe moet er als nieuwsverstrekker worden omgegaan met extreem – rechts in het algemeen en met het Vlaams Blok/Belang in het bijzonder? Deze discussie is zowat op elke redactie gevoerd. Maar toch is het journalistieke debat over de pers en extreem – rechts niet afgelopen, integendeel. Niet voor niets gaf Siegfried Bracke, politiek verslaggever bij de VRT – televisie, toe dat deze discussie de moeilijkste ooit was die er bij de openbare omroep is gevoerd.[1]

In de berichtgeving tegen extreem - rechtse partijen zijn een aantal strategieën mogelijk gaande van doodzwijgen, marginaliseren, ontmaskeren, normaliseren of kritisch benaderen.[2] Maar ook over de te volgen strategie zijn vele redacties en journalisten het niet eens. Negatie lijkt voor niemand een goede oplossing. Een politieke partij die via democratische verkiezingen 24% van de stemmen achter zijn naam krijgt in Vlaanderen, kan niet zomaar tot het niets worden herleid in de Vlaamse dagbladpers.[3] Een cordon sanitaire in de journalistiek is in tegenstelling tot het politieke cordon, waardeloos.

Aan de andere kant lijkt de eensgezindheid in de omgang met extreem – rechts ver zoek. Pogingen van politicus Patrick Dewael voor het uitschrijven van een deontologische code over hoe extreem – rechts in en door de media het best kan worden benaderd, haalden niets uit.[4] Een dergelijke code veronderstelt immers dat men het grotendeels eens is over een aantal uitgangspunten, maar hierover is hoegenaamd geen sprake. Ook de openbare omroep nam in haar nota ‘VRT en de democratische samenleving’ expliciet een afkeurende houding aan.[5] De nota beschouwt het Vlaams Belang ‘niet als een partij als alle andere’. Dit impliceert extra voorwaarden vooraleer Belangers of Belanggebeurtenissen door de openbare omroep worden uitgezonden. De nota die in 2001 werd opgesteld, is intussen verscherpt aangezien niet iedereen binnen de VRT dezelfde houding aannam.

 

De omgang met extreem – rechts wordt met andere woorden tot op de dag van vandaag nog steeds bepaald door elke redactie afzonderlijk. De discussie blijft echter voortduren en is actueler dan ooit. Vraag is nog steeds welke houding de audiovisuele en geschreven pers moeten aannemen ten opzichte van extreem - rechts in het algemeen en het Vlaams Belang in het bijzonder.

 

Op 9 november 2004 werden 3 vzw’s van het Vlaams Blok, namelijk De Vlaamse Concentratie, Het Nationalistisch Vormingsinstituut en de Nationalistische Omroep Stichting, op basis van art. 3 van de Wet van 31 juli 1981 definitief veroordeeld tot het “behoren tot” en “medewerking verlenen aan” een groep of vereniging die in het openbaar kennelijk en herhaaldelijk discriminatie of segregatie bedrijft en verkondigt, met name het Vlaams Blok.[6] De facto komt deze veroordeling tevens neer op een partijverbod. Vandaar dat de partij noodgedwongen zichzelf inhoudelijk herprofileert en omvormt tot een nieuwe partij ‘Het Vlaams Belang’ tijdens haar stichtingscongres van 12 november 2004.[7]

 

De vraag die in deze masterproef wordt gesteld ligt voor de hand: verschilt de houding die de Vlaamse dagbladpers aannam ten opzichte van het Vlaams Blok met de houding die het aanneemt ten opzichte van het Vlaams Belang?

In een eerste deel zal de houding ten opzichte van het Vlaams Blok aan de hand van enkele reeds gevoerde onderzoeken worden voorgesteld. Zo zullen de resultaten van zeven reeds gevoerde onderzoeken kort worden samengevat, net als de conclusies van de onderzoekers afzonderlijk.

Een tweede deel van deze masterproef zal dan via een eigen beknopt onderzoek nagaan wat die houding tegenover het Vlaams Belang inhoudt. Hierbij wordt in een eerste stap het onderzoek methodologisch voorgesteld terwijl de resultaten en conclusies in een tweede stap zullen gepresenteerd worden.

Het derde en laatste deel van deze masterproef zal de uiteindelijke vergelijking maken tussen beide houdingen.

 

 

2. Vlaams Blok in de media: (g)een partij als een ander?

 

In België is er nog maar weinig gekend over de wijze waarop het Vlaams Blok in de media aan bod komt. Het aantal onderzoeken over dit onderwerp is eerder beperkt. Bovendien zijn het meestal studenten die in het kader van hun eindverhandeling een deelaspect van de problematiek bestuderen. In wat volgt, zal een kort overzicht gegeven worden van de reeds gevoerde onderzoeken en hun voornaamste besluiten. Deze lijst is echter limitatief en verre van volledig. Enkel de meest wetenschappelijke en relevante in het kader van deze masterproef zullen worden aangehaald.

Niet alleen het aantal onderzoeken is beperkt, bovendien zijn de eindconclusies veelal tegengesteld of contradictorisch. Dit maakt een duidelijke en doorzichtige kijk op de houding tegenover het Vlaams Blok er niet gemakkelijker op.

 

 

2.1 Het Vlaams Blok en de Vlaamse dagbladpers in 1989 [8]

 

Het allereerste onderzoek naar de aandacht van de pers voor het Vlaams Blok werd gevoerd door Els Schelfhout in 1990, dus nog voor de eerste zogenaamde ‘zwarte zondag’. Zij onderzocht gedurende één maand vóór en twee weken na de Europese verkiezingen van 1989 de artikels die betrekking hadden op de extreem - rechtse partij alleen.

 

Zo onderzocht Schelfhout 233 artikels waarvan meer dan de helft werd gepubliceerd na de verkiezingen. Van een cordon sanitaire in de media was dus geen sprake. De verschillen tussen de kranten waren wel aanzienlijk: zo publiceerden zowel de Gazet van Antwerpen als De Morgen respectievelijk 70 en 58 artikels terwijl Het Volk met 18 en Het Belang van Limburg met 22 artikels Het Vlaams Blok niet nieuwswaardig vonden. De Standaard (34) en Het Laatste Nieuws (31) bekleedden een tussenpositie.

Hoewel De Morgen een van de meeste artikels publiceerde, was zij toch het meest negatief over het Vlaams Blok. Schelfhout besluit bovendien dat de ‘katholieke’ pers in haar geheel (De Standaard, Het Belang van Limburg, Gazet van Antwerpen en Het Volk) in mindere mate melding maakt van gebeurtenissen die in het nadeel spelen van het Blok.

Wanneer ze dit toch deden, waren ze veelal minder negatief dan De Morgen. Vooral Gazet van Antwerpen toonde zich in haar berichtgeving positiever over het Vlaams Blok.

 

 

2.2 Extreem - rechts op televisie - gebied[9]

 

Een tweede onderzoek concentreerde zich op de audiovisuele media. Pieter Leenknecht analyseerde in 2000 hoe de berichtgeving over het Vlaams Blok verliep tijdens de 19 uur - televisiejournaals van zowel VRT als VTM. Alle journaals in de maand voor de verkiezingen van 13 juni 1999 werden onderzocht.

 

In deze periode kwam het Blok - als partij - in 17,7 % van het totale aantal nieuwsitems aan bod. Uiteindelijk is dit in vergelijking met haar verkiezingsuitslag van 26,3% iets hoger dan wat de partij proportioneel toekomt. Van deze vermeldingen was het overgrote deel neutraal. Enkel over Agalev waren er meer positieve berichten, terwijl SP en CVP meer negatieve berichten te verwerken kregen dan het Vlaams Blok. Het gaat er echter heel anders aan toe wanneer de politici bij naam vermeld worden. Daar staat het Blok onderaan de ladder met slechts 2,6 % naamvermeldingen, 5,9% in beeld gebrachte en 3,9% interviews van Vlaams Blok - politici. Hetzelfde geldt voor het aantal citeringen en parafraseringen van Blokkers. Met 3,4% zitten zij bij de groep die de minste aandacht krijgt.

 

Als partij komt het Vlaams Blok, in verhouding tot de omvang van de partij, dus meer aan bod dan andere partijen. Haar vertegenwoordigers daarentegen krijgen wel aandacht in het journaal, maar veel minder dan deze van de andere politieke fracties. Niet alleen wordt er over hen weinig gesproken, ze komen ook zelf niet aan het woord en krijgen dus geen forum aangeboden. Leenknecht besluit uit deze onderzoeksresultaten dat extreem - rechtse politici niet volledig monddood worden gemaakt, maar toch zelden of nooit de gelegenheid krijgen om de kijker rechtstreeks toe te spreken. Als ze het woord krijgen, gebeurt dit (vaker dan bij andere partijen) op een indirecte manier.

 

 

De vergelijking van de verkiezingsperiode met een normale controleperiode leverde weinig verrassingen op. Tijdens verkiezingsperiodes is er veel meer aandacht voor politiek, maar procentueel zijn de verschillen minimaal. Tijdens een gewone nieuwsperiode worden nog minder politici bij naam vermeld (0,8%) en kwamen ze nog minder in beeld (3,7%).

De plausibele verklaring hiervoor ligt volgens Leenknecht in de oppositiepartij - wat het Vlaams Blok is - die in vergelijking met een regeringspartij sowieso minder in de kijker loopt. Leenknecht meent dat ’journalisten van de audiovisuele media het Vlaams Blok niet overslaan in het verkiezingsnieuws, maar passen algemeen dezelfde benadering van extreem rechts toe als in een doorsnee periode.’

 

Ten slotte bleek de aandacht voor het Blok niet veel te verschillen bij de openbare en commerciële zender. Vooral VTM bleek meer aandacht aan het Blok te besteden in een pre-electorale periode maar de dioxinecrisis drong deze aandacht fors terug. Van alle naamsvermeldingen op TV1 zijn er 2,7% voor Vlaams Blok leden, op VTM is dit 2,2%. Ook bij citaten, parafraseringen en interviews zijn de verschillen tussen TV1 en VTM minimaal.

 

 

2.3 Blokthema’s en de media tijdens de jaren negentig[10]

 

Politoloog Stefaan Walgrave verrichtte in 2000 onderzoek naar de aandacht voor Blokthema’s in de media. Voor de audiovisuele media werden TV1 en VTM geanalyseerd; De Morgen, De Standaard en Het Laatste Nieuws voor de schrijvende media. Op basis van de partijprogramma’s van 1991, 1995 en 1999 werd de media –aandacht voor de Blokthema’s Vlaams nationalisme, immigratie, antipolitiek (schandalen, corruptie, inkomen politici…) en criminaliteit onder de loep genomen. Bij de andere partijen staan deze thema’s eerder laag op de agenda. Vandaar dat deze thema’s aan het Blok worden toegewezen.

 

De aandacht voor het oorspronkelijke Blokthema ‘Vlaams nationalisme’ daalt aanzienlijk tijdens de jaren negentig. Enkel in De Standaard, die het nationalisme steunt, wordt in vergelijking met de andere kranten meer bericht over dit thema.

 

De interesse voor de migrantenproblematiek daarentegen, steeg gedurende de onderzoeksperiode onophoudelijk. Vooral De Morgen en het VRT – nieuws berichtten significant meer over het thema migratie. ‘Antipolitiek’ is een thema dat van alle media veel aandacht krijgt en waarbij de onderzoeker niet echt een stijging of daling in de belangstelling kan vaststellen gedurende de jaren negentig.

 

Ook op televisie – gebied is er volgens Walgrave weinig verschil te merken tussen beide zenders in verband met de berichtgeving over voorgaande thema’s. Zowel de openbare omroep TV1 als de commerciële zender VTM evolueren tussen 1991 en 1999 quasi op dezelfde manier. Enkel op vlak van het thema criminaliteit is er een groot verschil te merken. Zo besteedt VTM aanzienlijk meer aandacht aan dit thema sinds 1996, net als Het Laatste Nieuws.

 

Volgens Walgrave wordt het Blok zeker niet systematisch achtergesteld in vergelijking met de andere politieke partijen. In een cruciale periode wordt er zelfs proportioneel meer over het Vlaams Blok geschreven dan ze verdienen aan de hand van hun verkiezingsresultaat. Walgrave besluit ten slotte dat er een sterk verband is tussen berichtgeving over thema’s van het Vlaams Blok en het succes van deze partij.

 

 

2.4 Het Vlaams Blok en de Vlaamse dagbladpers in 1999[11]

 

In 2000 onderzochten Cuyt en De Swert voor hun licentiaatthesis hoe drie Vlaamse kranten over het Vlaams Blok berichtten. Hiervoor analyseerden ze de politieke berichtgeving in De Standaard, De Morgen en Het Laatste Nieuws gedurende 4 periodes in 1999 (januari – februari, maart – april, mei – tot de dag voor de verkiezingen van 13 juni, 14 juni – 30 juni).

 

Zoals verwacht, komt het Blok in een gewone nieuwsperiode in kranten een stuk minder aan bod dan volgens de afspiegelingstheorie op basis van haar verkiezingsuitslagen zou moeten. Een deel van deze discriminatie komt op rekening van het zogenaamde oppositie – effect.

 

Alle niet – regeringspartijen komen minder in het nieuws omwille van het feit dat ze geen beleid voeren en daar dus geen nieuwswaarde hebben. Een bijkomende verklaring zou kunnen liggen in het feit dat de geschreven media de partij zoveel mogelijk uit het nieuws trachten te houden. Enkel als de partij écht nieuws heeft, komt ze in de media. Een derde mogelijke verklaring zou de lage parlementaire activiteit van Vlaams Blok – politici kunnen zijn in vergelijking met de andere oppositiepartijen.

 

Het aantal vermeldingen van het Vlaams Blok als partij neemt echter lineair toe van 7% tot meer dan het driedubbele in de zes weken voor de verkiezingen, om daarna weer terug te vallen op de gewone 7 à 8 %. Hieruit concluderen Cuyt en De Swert dat in de nabesprekingen van de verkiezingen niet meer op het Blok wordt gelet. Voor hen is dit een aanwijzing dat kranten het op het Blok gemunt hebben voor de verkiezingen met de bedoeling het stemgedrag van de lezers te beïnvloeden. Naarmate de verkiezingen naderen wordt de extreem - rechtse partij meer en meer als een belangrijke (en relevante) actor aanzien wat de verdrievoudiging van het aantal meldingen kan verklaren.

 

Niet alleen het aantal vermeldingen neemt toe, ook het aantal artikels waarin het Blok voorkomt stijgt naarmate de verkiezingen naderen. In periode 1 en 2 (normale nieuwsperiode) haalt het Vlaams Blok bijna 3 vermeldingen per artikel. In periode 3 stijgt dit naar meer dan 4 vermeldingen per artikel. Bovendien is 30% van de extra verkiezingsbijlagen die de 3 kranten publiceren, gewijd aan het Vlaams Blok. De partij Vlaams Blok komt dus naarmate de verkiezingen naderen meer en meer in de aandacht. Voor de Blok – politici stellen de onderzoekers grotendeels hetzelfde patroon vast, met dat verschil dat Blok – politici over het algemeen niet zo vaak vermeld worden als hun partij.

 

Dat een partij meer media - aandacht krijgt naar aanleiding van de verkiezingen is logisch. Geen partij die gaat klagen over een verhoogde aandacht als die positief of neutraal is. Cuyt en De Swert echter stellen dat de waardering voor politieke partijen in het algemeen maar in het bijzonder voor het Vlaams Blok negatief is. Zo is er bij De Morgen heel duidelijk sprake van een veel negatievere benadering van het Vlaams Blok naar aanleiding van de verkiezingen. Voor elke twee neutrale artikels is er een negatief. Ook in De Standaard is de stijging van de negativiteit mooi lineair naar de verkiezingen toe. Het Laatste Nieuws vertoont een ander patroon. Zo blijkt deze krant negatief te staan tegenover de extreem - rechtse partij in een reguliere periode, maar in de laatste zes weken voor de verkiezingen is men negatiever voor de andere partijen dan voor het Blok. Dezelfde trend zet zich ook door ten aanzien van de Vlaams Blok – politici.

 

Op vlak van citaten, koppen en foto’s zijn dezelfde evoluties waar te nemen als het aantal naamvermeldingen, artikels en waardering. Het Blok wordt ook niet gelijkwaardig aan de andere partijen behandeld als het op citaten aankomt. In een normale periode zijn nauwelijks 3,1% van de geciteerde politici van het Vlaams Blok. Naar aanleiding van de verkiezingen stijgt dit percentage tot 5,4 %. Wat de koppen van artikels betreft, verovert het Blok de titels en subtitels in een sneltempo naarmate de verkiezingen naderen (van 7,1% naar 22,9%). Ten slotte komt extreem - rechts ook effectief meer in beeld in de kranten in verkiezingstijd. De publicatie van foto’s met extreem - rechtse politici stijgt van 3,4% naar 7%.

 

De onderzoekers Cuyt en De Swert concluderen ten slotte dat zowel De Morgen als De Standaard duidelijk de strijd aanbinden met het Blok naar aanleiding van de verkiezingen. Het Laatste Nieuws vertoont meer aandacht, maar dit gaat niet gepaard met een stijgende negativiteit. De zondebokhypothese klopt dus enkel voor de beide kwaliteitskranten.

 

 

2.5 De media en het Vlaams Blok tijdens opeenvolgende verkiezingsperiodes[12]

 

Aan de hand van een kwantitatieve inhoudsanalyse schetst Bosseman in haar onderzoek de evolutie van de beeldvorming over het Vlaams Blok in de kranten Vooruit & De Morgen (V&DM) en Het Laatste Nieuws (HLN). Tussen 1978 en 2000 werd telkens een maand voor tot een week na elke verkiezing waaraan het Vlaams Blok deelnam de beide kranten geanalyseerd. Bosseman kwam tot het besluit dat de aandacht voor het extreem - rechtse Blok evenredig stijgt met haar verkiezingssuccessen.

Het aantal krantenartikels per verkiezingsperiode stijgt van 1,1% in 1978 tot zo’n 20% in 2000. Er is dus weinig aandacht in de beginjaren. Tussen 1987 en 1991 stijgt de berichtgeving in schokjes, waarschijnlijk op basis van de verkiezingsresultaten. Sinds 1991 verveelvoudigt het aantal artikels in beide kranten. Maar ondanks de opgesomde parallellen krijgt het Vlaams Blok opvallend meer aandacht in Vooruit & De Morgen dan in Het Laatste Nieuws.

In de 4 weken voor de verkiezing loopt het aantal artikels gestaag op naar een climax na de verkiezingen. Bosseman stelde vast dat de meeste Vlaams Blok – artikels verschenen in de week na de verkiezingen.

 

Een andere evolutie die het onderzoek vaststelde betrof de artikels die integraal of hoofdzakelijk handelen over het Vlaams Blok (groot belang) en artikels die gedeeltelijk over het VB gaan en/of met het VB associëren (gemiddeld belang). In V&DM is duidelijk vaststelbaar dat het VB meestal (33%) het hoofdonderwerp (groot belang) of een van de onderwerpen (gemiddeld belang) (60%) is in een artikel dat de partij vermeld. Vooral het verkiezingsjaar 1985 is een trendsetter: het aantal “gemiddeld belang” artikels steekt er van dan af met kop en schouders bovenuit. Ook in HLN domineren de “gemiddeld belang” artikels (58%) sinds 1985, gevolgd door de “groot belang” artikels (33%).

 

Een verhoogde aandacht voor het Blok betekent niet noodzakelijk extra publiciteit. Zo publiceert V&DM vooral negatieve artikels, dit in tegenstelling tot HLN. Enkel sporadisch verschijnen positieve artikels in V&DM. Halfweg de jaren tachtig verschenen dan weer meer genuanceerde of neutrale artikels maar vanaf 1998 kregen de negatieve artikels dan weer de bovenhand. In 2000 staan het aantal genuanceerde en negatieve artikels opnieuw op dezelfde hoogte in DM. HLN bericht vooral genuanceerd of neutraal over het Vlaams Blok (59,3%).

 

Als we het belang van het VB in de artikels combineren met de evaluatie van de partij in die artikels, concludeert Bosseman dat V&DM significant meer negatieve artikels (52,6%) heeft gepubliceerd. HLN daarentegen drukt tot zes keer meer positieve artikels af over de extreem - rechtse partij (20,8%).

 

 

2.6 Extreem – rechts in de vierde macht[13]

 

Ook Hofmans trachtte in haar onderzoek een beeld te schetsen van de houdingen van de verschillende media tegenover extreem – rechts. Hiervoor ging ze na of de aanbevelingen uit de brochure “Aanbevelingen voor de berichtgeving over extreem - rechts. Extreem - rechts, nee, bedankt!” al dan niet werden opgevolgd net als het aan bod laten komen van blokverwante thema’s. Aan de hand van diepte – interviews vergeleek ze daarenboven het verschil tussen kwaliteitskranten (De Morgen en De Standaard) en populaire kranten (Gazet van Antwerpen en Het Laatste Nieuws) en de twee grootste televisiezenders VTM en VRT.

 

De hypothese dat kwaliteitskranten een strengere en minder tolerante houding aannemen tegenover het Vlaams Blok dan de populaire kranten, wordt door Hofmans’ onderzoek bevestigd. Zo beschouwt De Morgen het als een journalistieke taak om het Blok te bestrijden en zo antipopulair mogelijk te maken. De krant bericht kritisch over het Blok, wat inhoudt dat de nieuwsdrempels voor de partij hoger liggen, dat ze enkel aan bod komt wanneer het niet anders kan, geen publicatie van interviews en zo min mogelijk foto’s. Bovendien wordt er bewust publiciteit gegeven aan reacties tegen extreem - rechts. Ook De Standaard is de mening toegedaan dat het Blok geen partij is zoals alle andere. Niet dat het Blok doodgezwegen moet worden, maar wel dat de berichtgeving op een sobere en feitelijke manier moet gebeuren. Er gaat kritischer over de extreem - rechtse partij worden bericht wat wil zeggen dat niet om het even wie aan het woord wordt gelaten, dat ze minder aan bod zal komen en dat er sneller zal gewezen worden op de verborgen racistische en discriminerende standpunten van de partij. Uitzonderlijk zal de krant een interview toestaan maar opiniebijdragen van Blokkers en racistische lezersbrieven worden niet gepubliceerd. De Vlaamse Televisie en radio-omroep VRT sluit qua houding aan bij de kwaliteitskranten.

 

De VRT – nota die werd opgesteld, bepaalt dat er geen open tribune mag worden verleend aan extremistische partijen en bewegingen die een gevaar inhouden voor de pluralistische, democratische en verdraagzame samenleving. Ook zij zal dus enkel journalistiek relevante nieuwsfeiten aan haar kijkers melden.

Maar vertegenwoordigers van het Vlaams Blok komen niet aan bod in bepaalde politieke debatten en politieke – inclusief parlementaire – verslagen.

 

De houding van de populaire kranten daarentegen staat haaks op die van de kwaliteitsvolle kranten. Zo is Gazet van Antwerpen van oordeel dat alle meningen aan bod moeten kunnen komen, van uiterst links tot uiterst rechts. Zij vrezen dat eventuele beperkingen in het aan bod laten komen van extreem - rechts in de pers wel eens een averechts effect zou kunnen hebben. Alle informatie over de partij wordt dus net als eender welke partij meegedeeld. Bij het geven van commentaar ligt dat echter anders. Toch is het ‘gewoon behandelen’ van extreem - rechts de strategie bij de Gazet van Antwerpen. Er zijn geen afspraken over het aantal foto’s of interviews. Ook Het Laatste Nieuws meent dat het niet tot de taak van een journalist behoort om te beslissen wat al dan niet verschijnt in de krant. Nieuws is nieuws en het Vlaams Blok komt hierbij aan bod zoals alle andere partijen. VTM argumenteert op dezelfde wijze. De nieuwswaarde van feiten vormen het criterium om te bepalen of iets al dan niet aan bod komt in het journaal. Geen regels over het tonen van beelden van Blok - politici, over de lengte van een item en plaatsing ervan in een nieuwsuitzending. Ook interviews met Vlaams Blokkers vormen geen enkel probleem.

 

Er bestaat dus een duidelijk verschil tussen de kwaliteitskranten en de populaire kranten. De eerste soort stelt zich ideologisch op tegenover de problematiek rond berichtgeving over extreem - rechts, de tweede neemt een pragmatische houding aan. Deze lijn valt bovendien door te trekken naar de televisiezenders.

 

Van een volledig stilzwijgen en dus een cordon sanitaire in de media is bij geen enkel dagblad of televisiezender sprake. Toch kan men spreken van een cordon sanitaire in zijn ruime betekenis: het Vlaams Blok wordt strategisch door sommige media beperkt. Zowel De Morgen als De Standaard trachten bewust de aandacht voor het Vlaams Blok laag te houden om zo bij te dragen tot de strijd tegen extreem - rechts. Bovendien volgen ze duidelijk een ontmaskeringstrategie. Beide kranten willen het ‘ware gelaat’ aan hun lezers duidelijk maken en hebben ook de intentie de verborgen standpunten van extreem - rechts te duiden. De Morgen gaat hierin verder dan De Standaard aangezien ze steeds publiciteit gaat geven aan een reactie tegen extreem - rechts.

De populaire kranten behandelen het Vlaams Blok echter als een oppositiepartij en laten hen aan bod komen puur op basis van nieuwswaarden. Geen ontmaskering, geen extra kritische opstelling of het benadrukken van het negatieve. Opnieuw sluiten de nieuwsredacties van beide televisiezenders aan bij de krantenredacties. Net als de kwaliteitskranten is er bij de VRT de intentie om het Blok extra kritisch te behandelen en ze ‘te pakken waar ze te pakken vallen’. VTM daarentegen stelt zich ten opzichte van het Blok even kritisch op als ten aanzien van elke andere partij.

 

 

2.7 Op zoek naar een cordon sanitaire in de media[14]

 

Een laatste onderzoek dat in deze masterproef wordt samengevat, vond plaats in 2002. In het kader van zijn eindverhandeling voerde Tim De Pauw een zoveelste onderzoek naar het al dan niet bestaan van een cordon sanitaire in de media. Hiervoor analyseerde hij gedurende twee specifieke periodes (een verkiezingingsperiode en gewone periode) de binnenlandse berichtgeving van twee Vlaamse kranten met name de Gazet van Antwerpen en Het Laatste Nieuws.

 

Uiteindelijk vond De Pauw tussen beide kranten geen grote verschillen. Zo hanteert Het Laatste Nieuws geen strategie tegen het Vlaams Blok, tenzij misschien de beperking van het vermelden van Vlaams Blok – politici in een gewone periode. Voor de Gazet van Antwerpen gelden dezelfde conclusies als voor Het Laatste Nieuws want haar berichtgeving verschilt in bijna niets van de berichtgeving van Het Laatste Nieuws. Enkel een typische Antwerpse invalshoek vormt een duidelijk verschil tussen de berichtgeving van beide kranten, maar dat heeft weinig of geen effect op de posities die beide kranten innemen tegenover het Vlaams Blok. In tegenstelling tot de verwachtingen, bleek het Antwerpse nieuws vaak kritischer tegenover het Vlaams Blok dan de algemene berichtgeving, maar er was duidelijk geen strategie in die berichtgeving.

 

Bij een tweede onderzoeksdeel zocht De Pauw het antwoord op de vraag of de Gazet van Antwerpen en Het Laatste Nieuws veel nadruk leggen op Vlaams Blokthema’s. De definitie van een Blokissue haalde hij bij Walgrave (cfr. 2.3). Zo vormden bijvoorbeeld artikels rond fraude, corruptie, misdaad en andere elementen die de openbare orde verstoren het thema criminaliteit. Opvallend in dit onderzoeksdeel is dat beide kranten erg veel aandacht besteden aan de Vlaams Blokthema’s, zelfs in een verkiezingsperiode. Van alle Blokthema’s afzonderlijk, is het criminaliteitsissue veruit het belangrijkste in de media. In de Gazet van Antwerpen komt dit issue ongeveer in één vijfde en in het Laatste Nieuws zelfs in één vierde van alle onderzochte artikels voor. In een gewone periode is het aandeel van de Vlaams Blokthema’s in de berichtgeving van beide kranten nog groter dan tijdens de verkiezingsperiode. In het Laatste Nieuws neemt het thema criminaliteit in een gewone periode maar liefst één derde in van de hele berichtgeving.
 Het verschil dat tussen beide kranten bestond in de verkiezingsperiode, wordt nog groter in een gewone periode. Het Laatste Nieuws vermeldt duidelijk meer Vlaams Blokthema’s dan de Gazet van Antwerpen.

 

Uit zijn onderzoek besluit De Pauw dat het Vlaams Blok niet speciaal geweerd wordt uit de berichtgeving en al evenmin negatiever behandeld wordt dan andere partijen. Het Vlaams Blok wordt door beide kranten als een gewone partij aanzien en dit zowel in een gewone als in een verkiezingsperiode.

Ook qua inhoud blijkt dat de Gazet van Antwerpen en Het Laatste Nieuws geen duidelijke strategie hanteren met betrekking tot de Vlaams Blokthema’s.

Of de media verantwoordelijk zijn voor het succes van het Vlaams Blok werd in dit onderzoek niet geanalyseerd. Maar de verwijten van het Vlaams Blok aan het adres van de media als zouden de media het Vlaams Blok stiefmoederlijk behandelen, worden wel weerlegd. Ook wordt de vraag gesteld of de kranten hun verantwoordelijkheid niet beter zouden opnemen ten opzichte van het Blok. Zowel de Gazet van Antwerpen als Het Laatste Nieuws wordt verweten over het Blok verkeerdelijk als een gewone partij te berichten.

 

 

2.8 Besluit

 

Het is moeilijk zoniet onmogelijk, om uit al deze opgesomde onderzoeken een duidelijk en eensluidende conclusie te trekken over de houding die media aannemen ten opzichte van Het Vlaams Blok. Toch kunnen er enkele krachtlijnen worden vastgesteld.

 

Wat de geschreven pers betreft, zijn er duidelijke verschillen vast te stellen tussen de kwaliteits - en populaire kranten. Toch is er bij geen enkel dagblad sprake van een cordon médiatique. Het extreem – rechtse Vlaams Blok krijgt ongeveer de aandacht die ze verdient aan de hand van haar verkiezingsscore. Het is echter wel de partij die aan bod komt en niet zozeer haar individuele vertegenwoordigers.

 De Morgen is de krant die het hoogste aantal nieuwsberichten publiceert over het Vlaams Blok. Zij is echter ook de meest negatieve. De redactie ziet het als zijn journalistieke taak om het Blok te bestrijden en terug te dringen.

 Ook De Standaard hanteert dezelfde strategie. Ook voor hen is het Blok geen partij als een andere. De Standaard bericht minder over het Blok maar is daarom niet minder kritisch.

 De populaire kranten Het Laatste Nieuws en Gazet van Antwerpen zijn minder kritisch voor extreem – rechts. Ze beschouwen het Vlaams Blok bovendien als een partij zoals een andere.

 

Wat de audiovisuele media betreft blijken de verschillen tussen de commerciële zender VTM en de openbare omroep TV1 minimaal. Ook hier krijgen Vlaams Blok politici geen direct forum naar de kiezer toe. De partij daarentegen krijgt wel de aandacht die ze aan de hand van haar electorale score verdient.

 

 

3. Het Vlaams Belang en de houding van de Vlaamse dagbladpers

 

3.1 Inleiding

 

In tegenstelling tot de enkele summiere onderzoeken over de houding van de Vlaamse media tegenover het Vlaams Blok die in de voorgaande paragraaf ‘Vlaams Blok in de media: (g) een partij als een ander’ werden besproken, is er over de belangstelling van diezelfde media voor het Vlaams Belang tot op vandaag nog minder onderzoek verricht. Dit kan ook niet anders omwille van de nog zeer korte bestaansgeschiedenis van het Vlaams Belang.

 Officieel werd het Vlaams Blok omgedoopt tot het Vlaams Belang op 14 november 2004 tijdens haar stichtingscongres. Een nieuw politiek partijprogramma keurde de extreem – rechtse partij pas goed op 12 december 2004. Samen met het nieuwe programma verkoos de partij opnieuw Frank Vanhecke als voorzitter. [15]

 Omwille van het actuele thema is het dan ook niet verwonderlijk dat er nog geen wetenschappelijk onderzoek is verricht naar de media en haar houding tegenover het Vlaams Belang. Vandaar dit deel van deze masterproef daarop tracht in te gaan.

 

Aan de hand van een kwantitatieve inhoudsanalyse wordt de aandacht voor het Vlaams Belang in de Vlaamse dagbladpers onderzocht. De houding die de onderzochte media aannemen ten opzichte van de extreemrechtse partij zal op zijn beurt geanalyseerd worden aan de hand van de teneur van de artikels en opiniebijdragen. Om dit alles te kunnen meten, onderzoeken we de berichtgeving over de partij in de periode na de naamsverandering van het Vlaams Blok naar het Vlaams Belang.

In deze eerste paragraaf behandelen we enkel onze methode. De volgende paragraaf is gewijd aan resultaten en conclusies.

 

 

3.2 Methodologie van het onderzoek

 

3.2.1 Doel en hypotheses van het onderzoek

 

Zoals reeds aangehaald, is de doelstelling van dit onderzoek het vaststellen van

* de positionering van het Vlaams Belang in de Vlaamse dagbladpers

* en de verschillen tussen de onderzochte kranten

 

Dit onderzoek vertrekt omwille van de voorgaande onderzoeken (cfr. 2), vanuit een aantal hypotheses:

* De Morgen bericht na de Gazet van Antwerpen, het meest over het extreem – rechtse Vlaams Belang

* zowel De Morgen als De Standaard nemen een quasi identieke houding aan ten opzichte van het Vlaams Belang

* Het Laatste Nieuws en de Gazet van Antwerpen hanteren eveneens een soortgelijke houding over het Vlaams Belang

* de houding die beide kwaliteitskranten aannemen is negatiever dan die van de populaire kranten

 

Het onderzoek werd verricht op enkele Vlaamse dagbladen, met name

* De Morgen

* De Standaard

* Het Laatste Nieuws

* Gazet van Antwerpen

 

Hierbij zetten we enkele kranten met een verschillend profiel en lezerspubliek tegenover elkaar. De keuze voor deze 4 kranten wordt verklaard in 3.2.3. Voor later onderzoek is een analyse van andere Vlaamse kranten zeker de moeite waard. Wegens tijdsgebrek wordt dit echter niet behandeld in deze masterproef.

 

3.2.2 De onderzoeksperiode

 

De periode waarin de berichtgeving wordt geanalyseerd vangt aan bij de naamsverandering van het Vlaams Blok in Vlaams Belang op 15 november 2004.

Gedurende de daaropvolgende 2 maanden werd er heel wat geschreven en bericht over het extreem – rechtse Vlaams Belang. Onze onderzoeksperiode begint dus op 15 november 2004 en eindigt op 15 januari 2005.

 

Gedurende deze 2 maanden is het Vlaams Belang niet weg te denken uit de schijnwerpers. Vandaar dat, ondanks de korte onderzoeksperiode, toch een goed beeld kan worden geschetst over de houding van de media ten opzichte van de partij. De volgende nieuwsfeiten met betrekking tot het Vlaams Belang vonden onder andere plaats:

* Het stichtingscongres

* Einde cordon sanitaire?

* Ledencongres Vlaams Belang

* Uithaal Prins Filip naar het Vlaams Belang

* Crisis in VLD door uitspraken Coveliers

* Al dan niet behouden van partijfinanciering Vlaams Belang?

* Verkiezingspoll waarin Vlaams Belang de grootste partij wordt

 

3.2.3 Vlaamse dagbladpers

 

De analyse wordt beperkt tot de printmedia, met name kranten. De voornaamste argumenten hiervoor zijn de volgende

* massamedium met groot bereik

* pluralisme tussen de kranten onderling (ideologie, klemtoon,…)

* weergeven van feiten, maar ook duiding en opinie

* toegankelijk voor onderzoek

* lenen zich gemakkelijk tot een analyse

* wegens tijdsgebrek is het moeilijk archiefmateriaal van televisiejournaals grondig te analyseren

 

Binnen het krantenaanbod selecteerden we er zoals hierboven opgesomd, vier:

* De Morgen (persgroep)

- opgericht als ‘een progressief dagblad voor Vlaanderen’

- ideologische zuil: socialisme

- lezersprofiel: ‘de on(be)grijpbare doelgroep van jonge, hoogopgeleide, koopkrachtige en trendsettende stedelingen in Vlaanderen en Brussel. Of kortweg: afspraak met de nieuwe generatie.[16]

- verkoop: 51 461 exemplaren/dag[17]

- lezersbereik: 243 000 lezers/dag

 

* De Standaard (VUM)

- opgericht met als doel ‘het uitgeven van een katholiek, Vlaams dagblad te Brussel’ in 1914

- ideologische zuil: katholiek

- lezersprofiel: De Standaard is ‘dé krant van decision makers en de invloedrijke mensen in Vlaanderen die tot de hoogste sociale klassen behoren. De krant voor koopkrachtige en interessante consumenten tussen 25 en 34 jaar[18]

- verkoop: 78 279 exemplaren/dag[19]

- lezersbereik: 298 000 lezers/dag

 

* Het Laatste Nieuws (persgroep)

- opgericht in 1888 met als doel ‘een krant die dicht bij het volk staat en bovenal Vlaams, liberaal en vrijzinnig is’.

 - ideologische zuil: liberaal

 - lezersprofiel:‘positief, zelfbewust, nieuwsgierig en open van

geest, levenskunst en relativeren zijn de waarden van de lezer, veelal jonge gezinnen, sportliefhebbers, zelfstandigen en ondernemers.[20]

 - verkoop: 290 541 exemplaren/dag[21]

 - lezersbereik: 1 064 000 lezers/dag

 

* Gazet van Antwerpen (Concentra)

- opgericht in 1891 als Vlaamse, katholieke en behoudsgezinde krant met hoofdzakelijk berichtgeving over de regio Antwerpen

- ideologische zuil: katholiek

- lezersprofiel: lezers kiezen vanuit hun regionale belangstelling en niet zozeer vanuit een achtergrond van opleiding en beroepssituatie. Sterke aanwezigheid van 55 tot + 65- ers [22]

- verkoop: 116 448 exemplaren/dag[23]

- lezersbereik: 429 400 lezers/dag

 

Door deze beperkte keuze van dagbladen, vallen er enkele uit de boot. Ook hiervoor zijn argumenten.

* Het Belang van Limburg

- identieke berichtgeving als Gazet van Antwerpen. De keuze valt op de laatste aangezien het Blok zijn grootste successen boekt in Antwerpen.

* De Tijd

- hoofdzakelijk economisch en beursgericht nieuws.

 

* Het Nieuwsblad/ De Gentenaar/Het Volk

- quasi identieke berichtgeving als Het Laatste Nieuws

 

3.2.4 Operationalisering van het onderzoek

 

De analyse – eenheden zijn derhalve de edities van De Morgen, De Standaard, de Gazet van Antwerpen en Het Laatste Nieuws die gedurende de onderzoeksperiode zijn verschenen. Alle artikels waarin het Vlaams Belang of een Vlaams – Belang politicus expliciet vernoemd wordt, behoorden tot de selectie. Met het begrip artikels, zijn niet alleen de eigen redactionele artikels bedoeld, maar ook lezersbrieven, opiniestukken en advertenties.

Binnen de selectie van deze artikels zijn er een aantal variabelen die determinerend zijn voor de analyse over de houding van de Vlaamse dagbladpers ten opzichte van het Vlaams Belang.

 Het eerste deel van het onderzoek zal een antwoord zoeken op de vraag of er nu al dan niet een cordon médiatique bestaat in de Vlaamse dagbladpers. Dit is mogelijk aan de hand van het analyseren van de volgende variabelen:

* Aantal artikels

Hoeveel redactionele stukken worden er aan het Vlaams Belang gewijd? Zijn er verschillen tussen de diverse kranten? Dit is een eerste stap om de vraag naar het al dan niet bestaan van een cordon médiatique op te lossen.

* Naamvermelding partij

Wordt de partijnaam ‘Vlaams Belang’ al dan niet vermeld in de artikels? Deze variabele is van belang wil men enerzijds nagaan of er al dan niet een cordon sanitaire in de media bestaat en anderzijds kunnen we op deze manier nagaan of de stelling uit dat een partij meer vernoemd wordt dan haar vertegenwoordigers, (cfr. 2) ook voor het Vlaams Belang geldt.

* Naamvermelding politicus

Worden de namen van politici al dan niet vermeld? Zoja, welke politici? Ook deze variabele is van belang wil men nagaan of er al dan niet een cordon sanitaire in de media bestaat en of de partij meer aan bod komt dan haar vertegenwoordigers.

 

In een tweede fase zal nagegaan worden welke houding de diverse kranten aannemen tegenover het Vlaams Belang. Hiervoor evalueren we volgende variabele:

* Teneur van het artikel

De manier waarop over een bepaald nieuwsfeit wordt bericht, is kenmerkend voor de houding die een krant aanneemt ten opzichte van het onderwerp. In ons onderzoek worden artikels positief, neutraal of negatief geëvalueerd.

 

Ook aan de operationalisering van ons onderzoek zijn er enkele tekortkomingen. Andere potentiële variabelen kunnen ook geanalyseerd worden. Hoe groot zijn de artikels waarin het Vlaams Belang voorkomt en wat is het aandeel van de partij erin? Op welke pagina zijn deze afgedrukt? Wat zeggen de koppen van de artikels? Al deze variabelen kunnen bijdragen aan de kwaliteit van een toekomstig onderzoek.

 

 

3.3 Onderzoeksresultaten

 

Via Mediargus, een digitale persdatabank met de inhoud van alle Vlaamse en Nederlandstalige kranten, de Roularta - magazines (Kack, Trends, Le Vif Express en Tendances) en het persagentschap Belga, werden alle artikels opgezocht in onze onderzoeksperiode (15 november 2004 tot 15 januari 2005) voor de desbetreffende kranten (De Morgen, De Standaard, Het Laatste Nieuws en de Gazet van Antwerpen). Enkel de algemene edities werden bekeken waardoor regionale berichten over het Belang niet werden opgenomen. Gedurende de hele onderzoeksperiode betrof dit 204 krantenedities.

In wat volgt, zullen de verschillende aspecten die ons tot het antwoord naar onze onderzoeksvraag ‘wat is de houding van de Vlaamse dagbladpers tegenover het Vlaams Belang’ leiden, worden voorgesteld.

 

3.3.1 Op zoek naar een cordon médiatique in de media

 

Zoals reeds aangehaald, verbinden we de vraag naar het mogelijk bestaan van een cordon médiatique aan de volgende variabelen: aantal artikels, aantal naamvermeldingen van het Vlaams Belang en aantal naamvermeldingen van haar vertegenwoordigers.

 

3.3.1.1 Aantal artikels

 

Voor dit deel van het onderzoek analyseren we alle redactionele stukken die (minstens) ‘Vlaams Belang’ of ‘Vlaams Blok’ vermelden gedurende de onderzoeksperiode. Dit laat ons toe na te gaan in welke mate elke krant afzonderlijk bericht over extreem – rechts en of er sprake kan zijn van een potentiële tendens om extreem – rechts te marginaliseren of dood te zwijgen.

 

Onderstaande tabel geeft een gedetailleerd overzicht van het aantal verschenen artikels per krant.

 

Tabel 1: aantal artikels per krant

Krant

Aantal artikels

Aandeel totaal

De Standaard

227

29,7%

De Morgen

145

18,9%

Gazet van Antwerpen

210

27,4%

Het Laatste Nieuws

183

24%

TOTAAL

765

100%

 

Zoals uit de tabel kan worden afgeleid, werden er gedurende de 2 maanden van het onderzoek in de 4 onderzochte dagbladen 765 artikels geschreven waarin minstens ‘Vlaams Belang’ of ‘Vlaams Blok’ werd aangehaald. Een eerste vaststelling die kan worden gemaakt op basis van het totaal aantal artikels is de volgende: hoewel de politieke partijen zich reeds jarenlang min of meer houden aan een ‘cordon sanitaire’, is er van zo’n cordon in de Vlaamse media, in de betekenis het Vlaams Belang niet te behandelen als een gelijkwaardige gesprekspartner, op het eerste gezicht geen sprake. De diverse media blijven het Vlaams Belang een forum bieden, zij het elk op een hun manier.

 

Zo valt het onmiddellijk op dat De Morgen gedurende de hele onderzoeksperiode het minst aantal artikels over het Vlaams Belang heeft gepubliceerd, dit in tegenstelling tot de andere kwaliteitskrant De Standaard. Deze laatste publiceerde 227 berichten tegenover ‘slechts’ 145 in De Morgen. De populaire kranten Het Laatste Nieuws en de Gazet van Antwerpen zitten met respectievelijk 183 en 210 artikels er tussenin.

 

Uit voorgaande blijkt reeds duidelijk dat niet elke krant op identiek dezelfde wijze bericht over eenzelfde onderwerp en dus eenzelfde nieuwswaarde toekent aan een bepaald nieuwsfeit. Opvallend (deze keer) bij dit onderzoek is het hoog aantal gepubliceerde artikels in De Standaard in vergelijking met de andere kwaliteitskrant De Morgen. Dit is in tegenstelling met een van de conclusies die werden getrokken. (cfr. 2) Daar werd immers vastgesteld dat De Morgen het hoogst aantal publicaties over het Vlaams Blok telde.

We kunnen ons dan ook al volgende vraag stellen: waarom is er zo’n opmerkelijk verschil tussen beide kwaliteitskranten? De Standaard neemt immers zo’n 30% van de onderzochte berichtgeving voor zijn rekening, terwijl dit bij De Morgen amper 19% bedraagt. Hoe is dit bovendien te verklaren? In vergelijking met de opgesomde onderzoeken in het voorgaande deel van deze masterproef (cfr. 2), valt het op dat De Standaard aanzienlijk meer bericht over extreem – rechts of het Vlaams Belang en De Morgen relatief minder.

Maar het is nog te vroeg in deze onderzoeksfase om te besluiten of dit reeds een eerste aanwijzing is voor een gewijzigde houding tegenover het Vlaams Belang.

 

3.3.1.2 Naamvermeldingen partij

 

Naast het aantal artikels die gewijd zijn aan het Vlaams Belang, kan de aandacht voor deze partij ook nagegaan worden aan de hand van het aantal naamvermeldingen van deze partij. Opnieuw een kwantitatieve benadering vermits er wordt geteld hoeveel keer de partijnaam Vlaams Belang voorkomt.

Bij het tellen van het aantal vermeldingen van de partijnaam maken we geen onderscheid tussen actieve en passieve vermeldingen. Een actieve partijvermelding betekent dat een partijnaam in haar zuivere vorm voorkomt in het artikel. Een passieve partijvermelding betekent dat de partijnaam als verduidelijking in een artikel is opgenomen. Zo codeerden we de partijvermelding in de zin ‘Het Vlaams Belang vindt dat’ als actief, terwijl we de partijvermelding in de volgende zin ‘Filip Dewinter (Vlaams Belang) vindt dat’ als passief noteerden. De som van de actieve en passieve vermeldingen levert ons het totaal aantal vermeldingen van de partijnaam op.

 

Ondanks de naamverandering van Vlaams Blok naar Vlaams Belang, blijven de media beide partijnamen gebruiken. Twee maanden na de naamsverandering leest men 2437 naamvermeldingen Vlaams Belang en 579 keer het Vlaams Blok ofwel 5 tegen 1. Het ligt in de lijn der verwachtingen dat de oude partijnaam steeds minder en minder zal worden vermeld.

 

We tellen de vermeldingen van de extreem – rechtse partij omdat de resultaten ons een antwoord bieden op de vraag of Het Laatste Nieuws en de Gazet van Antwerpen het Vlaams Belang echt minder vermelden zoals het onderzoek van De Pauw concludeerde (cfr. 2). Bovendien kunnen we op die manier nagaan hoe de naamswijziging van Vlaams Blok in Vlaams Belang wordt opgevolgd en of er ook hier sprake kan zijn van marginalisering of het verzwijgen van extreem – rechts.

Onderstaande tabel geeft de resultaten van dit onderzoeksaspect weer.

 

Tabel 2: aantal naamvermeldingen partij

Krant

Vermelding

Vlaams Blok

Vermelding

Vlaams Belang

Totaal aantal vermeldingen

Aandeel Totaal

De Standaard

188

755

943

31,3%

De Morgen

172

708

880

29,2%

Gazet van Antwerpen

96

509

605

20,0%

Het Laatste Nieuws

123

465

588

19,5%

Totaal

579

2437

3016

100%

 

De eerste vaststelling die we maken is inderdaad het lage totaal aantal partijvermeldingen bij Het Laatste Nieuws en de Gazet van Antwerpen, respectievelijk 588 en 605 of 20,0% en 19,5%. Wanneer we naar de kwaliteitskranten De Standaard en De Morgen kijken, nemen die immers 60% van het totaal aantal naamvermeldingen op zich. Op het eerste zicht zijn we dus geneigd het besluit van De Pauw uit eerder onderzoek, te volgen. De populaire kranten vernoemen in mindere mate de extreem – rechtse partij het Vlaams Belang in hun krantenartikels.

 

Wanneer we daarenboven voorgaande vaststelling confronteren met het aantal artikels die er gepubliceerd werden in de dagbladen, komen we tot onderstaande tabel.

 

Tabel 3: aantal naamvermeldingen partij per artikel

Krant

Aantal artikels

Totaal aantal naamvermeldingen

Naamvermeldingen per artikel

De Standaard

227

943