Een historische biografie van keizer Caracalla (188-217). (Michiel Vanderhaeghe)

 

home lijst scripties inhoud vorige volgende  

 

Hoofdstuk 1: Het leven van Caracalla tot de dood van Septimius Severus: (188-211)

 

1.1. Familiale context:

 

Cassius Dio zegt over Caracalla:

“Antoninus behoorde tot drie rassen, en hij bezat van geen van hen de deugden, maar verzamelde in zijn persoon al hun gebreken; de grilligheid, lafheid en roekeloosheid van Gallia, de ruwheid en de wreedheid van Africa en de sluwheid van Syria.”[22]

 

Deze passage toont enerzijds de achtergrond van Caracalla, met een Gallische, een Afrikaanse en een Syrische component. De Gallische component verwijst naar de provincie waar Caracalla werd geboren, namelijk Gallia Lugdunensis; de Afrikaanse naar de provincie waar zijn vader van afkomstig was, Africa; en de Syrische component tenslotte verwijst naar de provincie Syria, van waar zijn moeder afkomstig was. Anderzijds toont de passage duidelijk de houding van Cassius Dio ten aanzien van Caracalla. Die houding is klaarblijkelijk negatief en een belangrijk gevolg is dan ook dat hij vanuit zijn negatieve houding de waarheid vaak verdraait of op zijn minst de zaken vaak overdrijft. Met deze antagonistische houding zal men bij de studie van Caracalla’s leven dus rekening moeten houden.

Caracalla werd geboren als Septimius Bassianus op 4 april 188 in Lugdunum (Lyon). Hij werd geboren als eerste zoon van de uit Africa afkomstige Septimius Severus en de uit Syria afkomstige Iulia Domna.[23] Dat Caracalla in Lugdunum geboren werd heeft te maken met het feit dat Septimius Severus in deze periode legatus was van de provincie Gallia Lugdunensis en dan ook resideerde in Lugdunum.[24] Voor de studie van het leven van Caracalla is het nuttig een blik te werpen op zijn afkomst en de mogelijke invloed ervan op zijn persoonlijkheid en op zijn beleid.

 

a) Septimius Severus uit Leptis Magna in Africa:[25]

 

            De “Septimii” waren afkomstig uit Leptis Magna in de provincie Africa en Septimius Severus was de eerste keizer die uit deze provincie afkomstig was. Om Caracalla’s achtergrond goed te begrijpen is het nuttig de vraag te stellen wie deze Septimii waren en kort aan te geven hoe Severus zijn loopbaan uitbouwde. Deze Afrikaanse afkomst heeft mogelijk invloed gehad op het keizerschap van Septimius Severus (wat betreft benoemingen en beleidsdaden). Is er zo’n invloed merkbaar bij Septimius Severus en zullen we dit ook merken bij Caracalla? Wat was de verhouding van Septimius Severus tot zijn thuisstad Leptis Magna en kunnen we eenzelfde houding verwachten bij Caracalla?

 

            De vader van Caracalla, L. Septimius Severus, was de eerste Afrikaan die keizer werd. Het feit dat een Afrikaanse provinciaal het tot keizer bracht wijst op de grote graad van romanisering en welvaart die het gebied sinds de eerste kolonies had gekend.  Birley erkende in zijn biografie van Septimius Severus het belang van diens afkomst en heeft op afdoende wijze een beeld geschetst van de geschiedenis van het gebied met de verschillende stappen van romanisering. Het hoogtepunt van het romaniseringsproces van de provincie Africa vormt het keizerschap van de uit Africa afkomstige Septimius Severus, die een dynastie vestigde die meer dan 30 jaar over het Romeinse Rijk zou regeren (193-235).[26]

 

Caracalla’s vader werd geboren op 11 april 145 in Leptis Magna aan de kust van de provincie Africa als zoon van P. Septimius Geta en Fulvia Pia.[27] De moeder van Severus was lid van een uit Italia geïmmigreerde familie. De familie van Severus, de Septimii, waren afstammelingen van de inheemse elite. [28] Zijn voorouders waren equites Romani voordat het burgerrecht aan allen werd gegeven; dit wil zeggen voordat Leptis een kolonie werd, onder Trajanus in 109 of 110.[29] Hij kreeg de naam van zijn grootvader langs vader’s zijde, Lucius Septimius Severus.[30] Deze was sufes van Leptis, vervolgens praefectus toen het Latijnse municipium[31] een kolonie werd en dan duumvir. Hij diende ook te Rome in decuriis et inter selectos.[32] Hij had enkele jaren op zijn landgoed in Veii in Italië doorgebracht en de dichter Statius wijdde zelfs een ode aan hem. De naam van zijn vrouw, Severus’ grootmoeder langs moeder’s zijde, is onbekend, mogelijk was het Octavia.[33] Een cynische senator feliciteerde Severus bij de aankondiging van zijn zelf-adoptie als zoon van Marcus Aurelius in 195 of 196 met het vinden van een vader, implicerend dat zijn natuurlijke vader eerder onbelangrijk was.[34] De vader van Septimius Severus, P.Septimius Geta, schijnt inderdaad een eerder onbelangrijk figuur geweest te zijn, die zich in het openbare leven op geen enkele wijze onderscheidde, noch in Leptis, noch in Rome. Ten tijde van zijn geboorte zien we meer en meer personen van Afrikaanse origine prominente posities innemen op alle niveaus van de keizerlijke administratie, evenals in de juridische wereld. Ook een aantal verwanten brachten het zeer ver in de periode dat Severus opgroeide. Publius Septimius Aper en Gaius Septimius Severus werden senator en consul. Mede dankzij de laatstgenoemde, zijn oom, naast zijn broer Geta, werd Severus opgenomen in de senaat.[35]

 

            Hoe verliep Severus’ leven en zijn weg naar de macht vóór de geboorte van Caracalla? Over zijn jeugd en opvoeding is weinig geweten; de meeste informatie komt uit de Historia Augusta en kan van geringe waarde beschouwd worden.[36] Door toedoen van zijn verwant op het hoogste niveau, C.Septimius Severus, evenals door zijn broer P.Septimius Geta, werd hij door Marcus Aurelius verheven tot de ordo senatorius .[37] Hij schijnt geen tribunus militum geweest te zijn, hoewel het vervullen van deze post gebruikelijk was. [38] Noch vermelden de bronnen dat hij een post uit het vigintiraat zou bekleed hebben, hoewel Birley meent dat het waarschijnlijk is dat hij toch vigintivirus is geweest.[39] In Rome was Severus mogelijk actief als advocatus fisci, maar dit is niet met zekerheid geweten.[40] In 169 werd Severus verkozen tot quaestor en bekleedde deze post doorheen 170; tegelijk betrad hij ook de senaat. Vervolgens werd hij voor een tweede jaar aangesteld als quaestor van Baetica in het zuiden van het Iberisch Schiereiland, maar omwille van de dood van zijn vader was hij genoodzaakt naar Leptis terug te keren om er familiale zaken te regelen. Terwijl hij in Africa was werd hij echter teruggeroepen en benoemd tot quaestor van Sardinia. Toen zijn patroon en familielid C.Septimius Severus in 173 werd uitgeloot tot proconsul van Africa, selecteerde hij Severus als 1 van zijn 3 legati pro praetore.[41] Vervolgens trad Severus in keizerlijke dienst en werd hij, vermoedelijk in december van het jaar 174, als één van de candidati van Marcus Aurelius verkozen tot tribunus plebis. In 176 nam hij deel aan de verkiezingen voor het praetorschap, deze keer niet als kandidaat van de keizer en hij werd verkozen voor het jaar 177. Vermoedelijk in hetzelfde jaar stuurde de keizer hem naar de provincie Hispania Tarraconensis, om er als legatus iuridicus de burgerlijke administratie waar te nemen, en dit tot 180. Vervolgens werd hij legatus van het “Legio IV Scythica” dat gelegerd was nabij Antiochia in Syria. Zoals verder zal blijken bracht Severus een vruchtbare tijd door in Syria. Immers hoorde hij toen waarschijnlijk voor het eerst over Iulia Domna, zijn latere echtgenote. Er volgde een periode waarin Severus geen belangrijke posten kreeg toegewezen en waarin hij Athena bezocht om er te studeren. Daarna werd hij goeverneur van Gallia Lugdunensis,[42] en het is in deze periode dat Caracalla werd geboren. Zijn moeder was Iulia Domna uit Syria die door Severus zorgvuldig was uitgekozen om later zijn keizerin te worden.

 

            De literaire bronnen besteden veel aandacht aan talrijke voortekenen in Severus’ vroege loopbaan die wezen op een grootse toekomst, of die tenminste in die zin geïnterpreteerd werden. Het geloof in astrologie, voorspellingen en voortekens was een belangrijke karaktertrek van Severus, die hij ook beklemtoonde in zijn autobiografie. Dit extreme bijgeloof zal invloed hebben op het leven en de toekomst van zijn twee zonen. In de Historia Augusta en in het werk van Cassius Dio vinden we talrijke anekdotes over voortekenen van Severus’ grootse toekomst. Veel daarvan komen voort uit Severus’ autobiografie, die verloren gegaan is. Cassius Dio had net als Severus een grote interesse in het onderwerp. Kort nadat Severus tot keizer was uitgeroepen schreef hij z’n eerste historische werk, namelijk een pamflet over “de dromen en voortekenen die Severus sterkten in zijn hoop op het keizerschap”,[43] en dit om van meet af aan in de gunst te staan bij de nieuwe keizer.[44] Severus’ sterke geloof in voortekenen en voorspellingen kan een invloed gehad hebben op Caracalla in die zin dat het mogelijk is dat ook hij door zo’n bijgeloof gekenmerkt werd. Zoals in deze dissertatie zal blijken was dit ook het geval, en dan vooral na het vestigen van zijn alleenheerschappij toen, mogelijk als gevolg van de broedermoord, Caracalla te kampen kreeg met allerlei psychische en lichamelijke kwalen en hij intensief heiligdommen, orakels en zieners bezocht enerzijds, in de hoop genezing te vinden en anderzijds, om uit vrees voor samenzweringen toekomstvoorspellingen te bekomen.[45]

 

            In verband met de relatie van Septimius Severus tot zijn thuisland Africa is het gemakkelijk te veronderstellen dat Severus, vermits hij uit Africa afkomstig was, hij een zekere voorliefde had voor deze provincie en dat dit ook tot uiting kwam in het beleid. Barnes heeft echter overtuigend aangetoond dat er van een “Africitas” met betrekking tot het beleid van Severus geen sprake was. Wat betreft ras en cultuur was Severus verre van Punisch en zijn weg naar de macht werd zeker niet gedragen door een Afrikaanse partij, maar door het politieke klimaat en de toevallige omstandigheden. Met betrekking tot zijn keizerschap zegt Barnes: “Buiten een sentimentele verbondenheid met Leptis, zijn  patria was Severus als keizer weinig beïnvloed door zijn Afrikaanse oorsprong. Severus vertoonde ook geen grotere vrijgevigheid ten opzichte van Africa, noch ten opzichte van Afrikanen. Ook met betrekking tot de rekrutering van het rijkspersoneel stelt hij geen bijzondere voorkeur vast voor Africa. Ook het omvangrijke archeologische en epigrafische materiaal (met talloze eerbewijzen aan de keizerlijke familie) dat in Africa werd gevonden kan hem niet van een invloed op het beleid overtuigen. Zij zijn eerder het resultaat van goede bewaaromstandigheden in Africa en de welvaart van het gebied in deze fase van de Romeinse geschiedenis.[46]

 

b) Iulia Domna uit Emesa in Syria[47]

 

            Iulia Domna was niet de eerste echtgenote van Severus. Na zijn legaat in Africa was Severus nog steeds ongehuwd en keerde hij naar Leptis terug om er een vrouw te vinden. Vermoedelijk in 175 huwde hij Paccia Marciana.[48] Haar namen wijzen niet op een Italische, maar op een Punische of Lybische oorsprong. Mogelijk was haar familie ver verbonden met die van Severus’ moeder, de Fulvii. [49]  Over het huwelijk, dat zeker 10 jaar duurde tot Paccia’s dood, is er niets geweten. Het is vrijwel zeker dat het huwelijk geen kinderen voortbracht,  tenzij we geloof hechten aan de zeer verdachte vermeldingen in de Historia Augusta. Die zegt enerzijds dat Severus twee dochters zou gehad hebben die in 193 blijkbaar de huwbare leeftijd hadden, zodat ze zouden geboren zijn in de jaren 176-180. [50] Verder zijn er nergens dochters van Severus geattesteerd. Anderzijds zou Caracalla een zoon geweest zijn uit dit eerste huwelijk en Geta uit het tweede, maar dit kan zeker als een fout beschouwd worden.[51] Over Paccia vertelt de Historia Augusta verder dat Severus haar niet vermeldde in zijn autobiografie, hoewel hij later vele standbeelden voor haar oprichtte.[52] Zij stierf ten laatste in 187, waarschijnlijk kort na de aankomst van Severus in Lyon in 186, kinderloos, zodat Severus ging uitkijken naar een nieuwe echtgenote.

 

In deze periode bracht zijn vurig geloof in het bovennatuurlijke, evenals zijn onbeperkte ambitie hem ertoe zijn bruid zorgvuldig te kiezen, zo lezen we in de Historia Augusta: “Intussen was hij (Severus) zijn vrouw verloren, en nu begon hij vanuit de wens een andere te huwen onderzoek te doen naar de horoscopen van huwbare vrouwen, immers was hij zelf niet onervaren in de astrologie, en toen hij vernam dat er in Syria een vrouw was van wie de horoscoop haar voorspelde dat ze met een koning zou trouwen (uiteraard spreek ik over Iulia), trachtte hij ze tot vrouw te nemen en door bemiddeling van zijn vrienden verzekerde hij zich van haar en het is door haar dat hij vader werd.”[53] Severus past hier dus een huwelijksstrategie toe, waarbij de keuze voor Iulia niet zozeer gebeurt uit emotionele overwegingen, maar meer uit astrologische en strategische overwegingen. Het huwelijk wordt gepland in het persoonlijk belang van de toekomstige keizer en Iulia lijkt daarbij een passieve rol vervuld te hebben; in de bronnen wordt ze geenszins voorgesteld als een intrigante of als een ambitieus iemand.[54]

 

            Ten laatste begin 187 moet Severus zijn huwelijksverzoek gezonden hebben naar Syria, indien niet eerder, en het huwelijk vond waarschijnlijk plaats in de loop van dat jaar. Hoewel de Historia Augusta het niet expliciet vermeldt is het zeker tijdens zijn verblijf in Syria dat Severus de horoscoop van Iulia vernam.[55] Tijdens zijn verblijf aldaar heeft hij met vrij grote zekerheid Emesa bezocht, de geboorteplaats van Iulia Domna, hoewel we dit niet expliciet vermeld zien in de bronnen. In Emesa was er een belangrijk heiligdom gelegen van de zonnegod  “Elagabalus”.[56] Het priesterschap was er in handen van een familie die afstamde van een vroegere inheemse dynastie.[57] Ten tijde van Severus’ verblijf was de priester Iulius Bassianus. Dit cognomen, dat ook Caracalla droeg bij zijn geboorte, was een geromaniseerde vorm van de Fenicische priesterlijke titel basus. Deze Bassianus had twee dochters, waarvan de oudste reeds getrouwd was met een senator in Rome, namelijk Iulius Avitus Alexianus. Deze Avitus werd later een vertrouweling van Severus en van Caracalla en kende een bloeiende loopbaan.[58] De jongste dochter Iulia was nog ongetrouwd en zij werd dus volgens de Historia Augusta Severus’ vrouw omwille van haar bijzondere horoscoop die voorspeld had dat ze met een koning zou trouwen. Ze droeg het cognomen “Domna”, hetgeen waarschijnlijk geïnterpreteerd werd in de betekenis van de vrouw van een koning.[59] Naast haar gunstige horoscoop, waren ook haar oosterse connecties belangrijk voor Severus om op zijn weg naar de macht zoveel mogelijk rijke en invloedrijke mensen aan zijn zijde te krijgen.[60]

 

Het huwelijk zelf vond dus waarschijnlijk in de loop van 187 plaats in Lyon. Al vlug werd er daar een eerste zoon geboren, namelijk Septimius Bassianus, op 4 april van het jaar 188. Over de geboortedatum van Caracalla bestaat geen absolute zekerheid. Er worden 2 data naar voor geschoven. Cassius Dio, die onze meest betrouwbare bron is in verband met het leven van de keizer, geeft aan dat Caracalla precies 29 jaar en 4 dagen geleefd heeft.[61] Vermits Dio ook vermeldt dat Caracalla op 8 april 217 vermoord werd, kunnen we hieruit afleiden dat hij geboren werd op 4 april 188.[62] De andere datum is 4 april 186 en is gebaseerd op de Historia Augusta[63] en sommige auteurs hechten er geloof aan.[64] De meerderheid vertrouwt echter Cassius Dio en neemt de geboortedatum die uit zijn bericht kan worden afgeleid voor waar aan.[65]

 

Het cognomen werd, zoals vermeld, ontleend aan zijn grootvader langs moeder’s zijde, Iulius Bassianus. Het praenomen is niet geattesteerd, maar vermoedelijk was het Lucius, naar zijn vader, of Publius, zoals zijn oom.[66] Een christelijke vroedvrouw zou volgens Tertullianus geholpen hebben bij de geboorte.[67] Birley merkt op dat er inderdaad een christelijke gemeenschap was te Lugdunum en hij acht het mogelijk dat het een Griekse immigrante was uit Syria, hetgeen Iulia zeker zal hebben aangetrokken. [68] Ongeveer een jaar later, vermoedelijk in maart van het jaar 189 werd er al een tweede zoon geboren, P. Septimius Geta. Hij kreeg dus het cognomen van Severus’ vader en broer.[69] In deze periode kreeg Severus zijn volgende taak toegewezen, namelijk proconsul van Sicilia voor het jaar 189-190. Geta werd geboren in Rome, toen Severus op weg was naar deze opdracht.[70]

 

            Als we het horoscoopverhaal in de Historia Augusta, dat duidelijk werd verspreid in de keizerlijke propaganda, kunnen geloven is de wijze waarop Iulia Domna de vrouw werd van de toekomstige keizer zeer bijzonder en plaatste dit haar meteen in een bijzondere positie. Severus was een zeer ambitieus man en tegelijk, zoals reeds vermeld, een zeer bijgelovig iemand. Voorspellingen en voortekens nemen een bijzondere plaats in en creëeren de idee dat de gebeurtenissen gewild waren door de goden. Septimius Severus benadrukte met dergelijke verhalen in zijn propaganda zijn goddelijke voorbestemdheid en dit om zijn macht te legitimeren en zijn gezag te consolideren. De vraag blijft open of het propagandaverhaal op een ware horoscoop steunde of verzonnen werd? Hetzelfde geldt voor de andere voortekenen die zich zouden hebben voorgedaan vóór dat Severus aan de macht kwam; ook zij kunnen achteraf uitgevonden zijn in het kader van de keizerlijke propaganda.

 

Het is duidelijk dat de keizerlijke propaganda van Severus Iulia Domna een speciale betekenis geeft, ze wordt van meet af aan omgeven door een mystieke, heilige sfeer. De grootse toekomst voor het paar wordt nog beklemtoond door de vele dromen van Severus in deze periode, die werden gebruikt in de keizerlijke propaganda en waarvan we er een aantal terugvinden in de bronnen. Dergelijke anekdotes over de periode voorafgaande aan zijn machtsgreep werden later opzettelijk verspreid in de keizerlijke propaganda om de wereld ervan te overtuigen dat hij voorbestemd was geweest keizer te worden en Iulia Domna zijn keizerin. Kort nadat het huwelijksverzoek was aanvaard had Severus een droom waarin Faustina, de vrouw van Marcus Aurelius, hun huwelijksbed klaarmaakte in de tempel van Venus.[71] De associatie tussen de vroegere keizerin Faustina en Iulia Domna is duidelijk; Iulia is voorbestemd keizerin te worden.[72] Van meet af aan nam Iulia een uiterst belangrijke plaats in het keizerlijke huishouden en die rol werd, zoals uit deze dissertatie zal blijken, tijdens Caracalla’s heerschappij alleen maar groter. De vraag zal doorheen het onderzoek moeten gesteld worden naar de invloed van Iulia op Caracalla’s beleid en de rol van haar thuisprovincie Syria daarin?

           

            Over de relatie tussen Caracalla en Iulia Domna zijn in de Historia Augusta een aantal leugens overgeleverd.[73] Caracalla zou niet haar echte zoon zijn, maar een stiefzoon, uit het eerste huwelijk van Severus, met Paccia Marciana.[74] Bovendien zouden ze er een incestueuze relatie op hebben nagehouden. Herodianus vertelt dat de inwoners van Alexandria Iulia spottend “Iocasta” noemden,[75] duidelijk verwijzend naar een incestueuze relatie tussen Caracalla en zijn moeder. Of zoals de Historia Augusta het uitdrukt: “Hij nam zijn eigen stiefmoeder tot vrouw”.[76] De manier waarop dit zou gebeurd zijn wordt verteld in de Historia Augusta, die de incestueuze relatie voorstelt als een formeel huwelijk.[77] Iulia wordt er evenwel niet afgebeeld als een hulpeloos of geheel onwillig slachtoffer van Caracalla’s lustgevoelens. Bij Aurelius Victor zien we zelfs het beeld van een bereidwillige en zelfs verleidende Iulia.[78] De Historia Augusta tracht hier duidelijk een negatief beeld van Caracalla te versterken door te stellen dat Caracalla verschillende misdaden beging tegen zijn familieleden. Zo zou Caracalla ook plannen gehad hebben om Iulia te vermoorden.[79] Iulia overleefde Caracalla later wel, maar de auteur nam graag de gelegenheid om hem een quasi-moedermoordenaar te maken; Caracalla beheerst zich wel, maar puur uit eigenbelang, om zijn reputatie geen verdere schade te berokkenen. Het is duidelijk dat deze verhalen berusten op roddels en dat zij geen ware basis hebben. Er werd gesuggereerd dat het incestverhaal en de idee van moedermoord aan de waargebeurde broedermoord werden toegevoegd in het kader van een poging Caracalla met Nero te vergelijken. Nero vermoordde eveneens zijn broer en zijn moeder, met wie hij een incestueuze relatie zou gehad hebben. Daarbij heeft de auteur van de Historia Augusta gezocht naar verdere parallellen bij Caracalla en die duidelijk verzonnen. Een andere mogelijkheid is dat men reeds in de contemporaine tijd de vergelijking maakte tussen beide keizers, en dat de geruchten van incest en poging tot moord reeds overgeleverd waren door Marius Maximus of een andere onbekend gebleven bron.[80]

 

            Wat kunnen we na dit inleidende hoofdstuk al besluiten in verband met de mogelijke invloeden van de afkomst van Caracalla op zijn leven en beleid? Wat Caracalla’s beleid betreft zal er van zijn Afrikaanse afkomst nauwelijks een invloed merkbaar zijn, aangezien dit bij Severus al niet kon worden vastgesteld. Wat Caracalla’s leven betreft zal er wel een invloed worden vastgesteld, in die zin dat Severus in zijn heerschappij een belangrijke rol zal toevertrouwen aan Plautianus, die eveneens uit Leptis in Africa afkomstig was.[81] Een kenmerk van de persoonlijkheid van Severus dat al tot uiting kwam vóór de geboorte van Caracalla is diens extreme bijgeloof in voortekenen die wijzen op een grootse toekomst. Severus’ carrière was op dat moment nog niet opmerkelijk geweest, maar de manier waarop hij zijn vrouw koos en de verschillende anekdotes over voortekenen wijzen erop dat Severus zeer bijgelovig was. Het is uiteraard mogelijk dat dergerlijke verhalen werden verzonnen in het kader van de keizerlijke propaganda, maar dit neemt niet weg dat Severus duidelijk een groot geloof had in het bovennatuurlijke, met goddelijke voortekenen en voorspellingen. In dit onderzoek zal blijken dat ook Caracalla zeer bijgelovig was en een groot belang hechtte aan voorspellingen en voortekenen. Wat Iulia Domna betreft wijst de manier waarop zij Severus’ vrouw werd erop dat zij van meet af aan in een bijzondere positie werd geplaatst: Zij was voorbestemd om keizerin te worden. Zij zal een belangrijke rol zal spelen in Severus’ heerschappij en dan vooral in de keizerlijke propaganda. In dit onderzoek zal blijken dat haar rol in Caracalla’s regering nog belangrijker werd, waarbij zij op een gegeven moment aan het hoofd van de keizerlijke kanselarij werd geplaatst en waarschijnlijk ook een adviserende rol vervulde.[82] Haar Syrische afkomst zal Severus en Caracalla ook sterker beïnvloeden dan de Afrikaanse van Severus. Een aantal Syriërs, vooral familieleden van Iulia zullen doorheen de regeringen van Severus en Caracalla belangrijke posities bekleden in het Rijk. In dit onderzoek zal ook blijken dat eerst Severus en dan Caracalla doorheen hun regeringen Antiochia, de hoofdstad van Syria in toenemende mate gaan opwaarderen.

 

 

1.2. De weg naar het keizerschap werd zorgvuldig voorbereid: De dynastieke politiek van Septimius Severus:

 

Toen Caracalla amper 5 jaar oud was, werd zijn vader keizer. Deze ondernam in de loop van zijn regering verschillende stappen om zijn macht te legitimeren en de opvolging te verzekeren. Caracalla schijnt van meet af aan mee ingeschakeld te zijn in Severus’ politiek om zijn eigen machtspositie te legitimeren ten opzichte van gevaarlijke concurrenten, tegelijk werd ook een vlotte machtsovername volgens het dynastieke principe voorbereid. Zo zal Septimius voor zichzelf en zijn familie aansluiting zoeken met de voorgaande dynastie van de Antonini. In dit hoofdstuk zal onderzocht worden hoe Severus, Caracalla inschakelde in zijn dynastieke politiek en zijn legitimatiepolitiek.

 

a) Severus wordt uitgeroepen tot Augustus en benoemt Albinus tot Caesar :

 

Over de vroege periode van Caracalla’s leven zijn we amper geïnformeerd. Na zijn geboorte in Lugdunum reisde hij vermoedelijk, na een kort verblijf in Rome mee naar Sicilia waar zijn vader proconsul was in de periode 189-190.[83] In 190 was de keizerlijke familie terug in Rome, toen Severus aangesteld werd als een van de consules suffecti. In de periode 191-193 verbleven Caracalla en zijn broer in Rome terwijl Severus in de provincie Pannonia Superior vertoefde, die hem als legatus Augusti pro praetore was toegewezen.[84] Het is in Carnuntum, tijdens de vervulling van deze taak, dat Severus op 9 april 193 tot Augustus werd uitgeroepen door de Pannonische troepen. [85] Op dit moment was Caracalla dus net 5 jaar oud geworden. Volgens Birley had Severus vooraleer hij zich liet uitroepen tot keizer er wel voor gezorgd dat zijn zoons veilig waren; daartoe had hij in het geheim een boodschapper uitgezonden met het bevel ze bij hem te laten brengen. Mogelijk was het Fabius Cilo, die instond voor hun veiligheid.[86] Dit is echter zuiver hypothetisch want dit staat nergens vermeld in de bronnen. Het is wel zeker dat Cilo een grote vertrouweling was van Severus en waarschijnlijk dat hij een opvoedende rol speelde voor de zonen van de keizer.[87] Daarop trok Severus met zijn troepen naar Rome om zich door de senaat te laten erkennen als keizer. Die had voordien Didius Iulianus moeten erkennen als keizer nadat het keizerschap hem bij opbod verkocht was door de pretorianen.[88]

 

Severus was zich ervan bewust dat er nog twee tegenkandidaten waren voor het keizerschap, namelijk Clodius Albinus in Britannia en Pescennius Niger in Syria. Niger had zichzelf ongeveer gelijktijdig met Severus te Antiochia tot keizer uitgeroepen.[89] Het was duidelijk dat de strijd zou beslecht worden in een burgeroorlog. Severus wist dat Albinus zeer populair was en dat hij ook in de senaat een grote aanhang had.[90] Daarom besloot hij met Albinus een alliantie te smeden tegen Niger door hem de Caesar-titel aan te bieden en hem dus als feitelijke opvolger aan te duiden. Daarmee zou Albinus geen militaire actie ondernemen en kon Severus afrekenen met Niger.[91] Op die manier zou hij ook de senaat voor zich kunnen winnen. Albinus stemde daarmee in, hoewel hij ongetwijfeld op de hoogte was van het feit dat Septimius Severus nog nakomelingen had en hij zich de vraag had kunnen stellen of het voorstel op langere termijn wel ernstig was. De overeenkomst tussen Severus en Albinus werd voltrokken vóór de aankomst in Rome.

 

Severus besloot Rome te betreden als wreker van de dood van Pertinax en dit om de continuïteit en de solidariteit met het voorgaande regime te onderstrepen. [92] Reeds tijdens zijn opmars vanuit Pannonia zond hij boden uit naar Rome met de verklaring van zijn keizer-proclamatie en zijn programma. De pretorianen kregen het bevel de moordenaars van Pertinax te arresteren en dit betekende het einde voor Iulianus. De volgende dag veroordeelde de senaat hem tot de doodstraf en ging ze over tot de keizer-proclamatie van Severus en de vergoddelijking van Pertinax.[93] Bij zijn aankomst in Rome bracht Severus Pertinax de grootste eerbewijzen en organiseerde een grootse begrafenis.[94] Hij nam ook zijn naam op in zijn officiële keizerlijke titulatuur.[95] Door deze stap mat hij zichzelf de rol aan van de onzelfzuchtige leider die enkel zijn plicht vervuld had ten aanzien van de staat, in plaats van een op persoonlijk succes gerichte generaal die de macht gewoon gegrepen had. Niet onbelangrijk voor later is dat hij zich door deze stap ook distantieerde van Commodus, terwijl hij later, zoals we zullen zien, zijn houding veranderde en zichzelf zal uitroepen tot broer van deze keizer, in het kader van zijn zelf –adoptie in de gens Aurelia. Maar in de beginfase was dit nog niet aan de orde en voor Severus was het toen politiek belangrijk om Pertinax te eren als een waardige opvolger op een onwaardige Commodus.

 

b) De“filiatio Antonini” en de benoeming van Caracalla tot Caesar:

 

Hoewel Severus Albinus de Caesar- titel had verleend was hij in geen geval van plan om deze situatie te bestendigen en zich door hem te laten opvolgen. De toenadering tot Albinus was er enkel gekomen door de politieke omstandigheden. Severus’ einddoel was zich te laten opvolgen door zijn nageslacht, volgens het dynastieke principe dus. Onderzoek heeft aangetoond dat Severus onmiddellijk na zijn proclamatie tot keizer al stappen zette om een opvolging door zijn zoon voor te bereiden en de idee wellicht al vóór zijn troonsbestijging was gegroeid. Met een zorgvuldig geplande keizerlijke propaganda, waarbij intensief gebruik werd gemaakt van alle beschikbare media trachtte Severus zijn dynastie te vestigen. De ingezette propagandamachine draaide door doorheen de heerschappij van Severus en misschien zelfs ook erna nog.[96] De “filiatio Antonini” met een fictieve adoptie van Severus en zijn zoons in de gens Aurelia vormde de kern van het plan en het hoofdthema van de propaganda. We beschikken over literaire getuigenissen die ons vertellen over Severus’ zelf-adoptie. De zelf-adoptie betekende dat ook zijn zoons werden opgenomen in de gens Aurelia. De literaire bronnen geven aan dat dit gegeven vooral een weerslag had op Caracalla die een naamsverandering onderging en tot Caesar werd benoemd. Hij werd daarmee dus als opvolger aangeduid. Het lijkt erop dat de 3 maatregelen (de adoptie, naamsverandering en benoeming tot Caesar) samenhangen en werden getroffen in een korte periode, waarschijnlijk zelfs gelijktijdig. De literaire getuigenissen worden verder ondersteund door uitvoerig archeologisch materiaal waaruit men ook heel wat bijkomende informatie kan afleiden.

 

  Wat vertellen de literaire bronnen over deze vroege fase in Severus’ dynastieke politiek? Cassius Dio vermeldt de adoptie van Severus in de gens Aurelia in 2 korte berichten. Zo schrijft hij over een senaatszitting in 197 waarbij de keizer de senatoren vroeg hem te erkennen als de zoon van Marcus Aurelius en de broer van Commodus. Daarbij vroeg hij de senaat Commodus te vergoddelijken, en dus de tevoren uitgesproken damnatio memoriae ongedaan te maken. Dio voegt eraan toe dat de keizer tot recent nog Commodus steeds in een slecht daglicht had geplaatst. [97] Dit kunnen we zien als politieke berekendheid van Severus die zich na zijn keizerproclamatie had laten gelden als de wreker van de dood van Pertinax, van wie de keizerwording gepaard ging met de damnatio memoriae van zijn voorganger, Commodus.[98] Op een andere plaats schrijft Dio dat Severus zich simpelweg liet registreren in de gens Aurelia ; waarbij de senator Pollenius Auspex hem feliciteerde “dat hij eindelijk een vader had gevonden”.[99] De zelf-adoptie van Severus wordt ook bevestigd door het Severus-vita in de Historia Augusta, die ook de naamsverandering en de Caesar-proclamatie van Caracalla vermeldt. Als één van de redenen voor de naamsverandering van Caracalla geeft ze het gegeven dat Severus wou opgenomen worden in de familie van Marcus.[100] In een andere passage vermeldt de Historia Augusta de vergoddelijking van Commodus in de senaat.[101] De andere literaire bronnen vermelden enkel dat Caracalla’s naam werd gewijzigd, zonder te stellen dat deze stap samenhing met een adoptie.[102] De Caesar-benoeming van Caracalla wordt enkel in de Historia Augusta vermeld; de auteur plaatst het verlenen van de Caesar –titel gelijktijdig met de naamsverandering, tijdens de opmars tegen Albinus en dit te Viminacium in Moesia Superior, de provincie aan de Donau. [103]

 

De chronologie van de gebeurtenissen is onduidelijk uit de literaire bronnen. Epigrafisch en numismatisch bewijs leert ons dat de adoptie en de Caesar- benoeming van Caracalla reeds plaatsvond in 195, vermoedelijk in april van dat jaar. In de muntslag openbaart Severus zijn adoptie- en dynastieke plannen voor het eerst in een serie munten uit 195. Er verschijnt een type waarin hij Caracalla naar voor schuift als opvolger en een type waarop hij zichzelf proclameert als zoon van de vergoddelijkte Marcus.[104] In een inscriptie uit het Dolichenus-heiligdom in praetorium Latobicorum in Pannonia Superior (in het huidige Slovenië) die gedateerd is op 29 juni 196 komt Caracalla reeds voor met zijn nieuwe naam en met de Caesartitel.[105] In een inscriptie uit de provincie Mauretania Caesariensis uit 195 komt Severus voor als zoon van de vergoddelijkte Marcus en als broer van de vergoddelijkte Commodus, met een verdere filiatie tot de vergoddelijkte Nerva.[106] Een andere inscriptie uit 195, die het antwoord bevat op een brief van Severus aan het volk van Aezani in Phrygia, herinnert de naamsverandering van Caracalla in Marcus Aurelius Antoninus. Op het moment dat de inscriptie werd opgesteld droeg Caracalla evenwel nog niet de Caesar- titel.[107] De inscriptie zou mogelijk te dateren zijn op 10 december 195 en de formulering zou duidelijk aangeven dat de Caesar- benoeming voor de deur stond.[108] Tenslotte is er een inscriptie teruggevonden in het legerkamp van Szentendre in Leanyfalu in Pannonia die onderzocht werd door Soproni en die gedateerd wordt in juni/juli 195, waarop Caracalla voorkomt met nieuwe naam en de Caesar- titel. Deze inscriptie vormt de oudste attestatie van Caracalla met de Caesar-titel.[109]

 

Uit het numismatische en epigrafische materiaal kunnen we dus afleiden dat de adoptie en de naamsverandering van Caracalla zeker vóór juni/juli 195 hebben plaatsgevonden.[110] Ongeveer gelijktijdig moet Caracalla ook tot Caesar benoemd zijn. De overwinning op Niger moet Severus voldoende zelfvertrouwen gegeven hebben om tot die stap over te gaan. Op 14 april had Iulia Domna ook de titel van mater castrorum ontvangen[111] en Soproni acht het waarschijnlijk dat de verlening van de titel, de adoptie en de Caesar-benoeming ongeveer gelijktijdig gebeurden.[112] De auteur wijst erop dat de maand april een speciale betekenis had voor Severus en voor Caracalla, het was als het ware de geluksmaand van de Severi. Het was de maand waarin beiden waren geboren en waarin Severus tot keizer werd geproclameerd. Ook voor Caracalla werd april een maand met een speciale betekenis, immers was april 217 ook de maand waarin hij het leven liet. Al deze belangrijke data vielen in de eerste helft van april[113] en het is goed mogelijk dat de proclamaties ook plaatsvonden in die eerste helft van april 195.[114]

 

In de zomer van 195 behaalde Severus een definitieve overwinning op de aanhangers van Niger bij Byzantium. Maar hij bleef nog een tijd in het oosten voor een oorlog tegen de koning van Adiabene, een vazal van de Parthenkoning, die in de herfst van 195 succesvol werd beëindigd.[115] We weten niet of Caracalla mee werd genomen op deze veldtochten in het oosten, aangezien we daarvoor over geen concrete aanwijzingen beschikken. Het is goed mogelijk dat hij in veilige handen werd achtergelaten in Moesia Superior onder de hoede van Severus’ vertrouweling L.Fabius Cilo, de goeverneur van deze provincie.[116]

 

Wanneer vond de in de Historia Augusta beschreven scène in Viminacium plaats?

De tweede helft van 195 was Severus begonnen met voorbereidingen te treffen voor een oorlog tegen Albinus, die met de Caesar- benoeming van zijn zoon onvermijdelijk was geworden. Een deel van de troepen die actief waren in het oosten werd nog vóór het einde van de zomer van 195 onder leiding van Severus in westelijke richting geleid.[117] Op 15 december kwam er een openlijke oorlogsverklaring aan het adres van Albinus met het senaatsbesluit tot hostis populi Romani.[118] Op terugtocht uit het oosten werd er halt gehouden in Viminacium in Moesia Superior waar men waarschijnlijk overwinterde. Het is daar dat Caracalla mogelijk werd uitgeroepen tot Caesar voor de troepen, als we het bericht in de Historia Augusta kunnen geloven.[119] Zoals vermeld vermoeden we dat hij daar was achtergelaten onder de hoede van Cilo. Bij hun hereniging kon Severus eindelijk zijn, een jaar eerder gedane, verklaring doorvoeren en Caracalla proclameren als “Marcus Aurelius Antoninus Caesar”. Op deze manier maakte hij van zijn 8-jarige zoon de legitieme opvolger als lid van een vergoddelijkte dynastie. Wanneer de eigenlijke proclamatie voor de troepen precies plaatsvond is onzeker. Soproni plaatst ze in april 196, terwijl Sasel eerder gelooft dat de gebeurtenis reeds plaatsvond in de winter van 195/196.[120]

 

Volgens de Historia Augusta zou Severus Caracalla gepromoveerd hebben om een einde te maken aan de machtsaspiraties van zijn broer, Caracalla’s oom, P.Septimius Geta.[121] Birley is niet geneigd dit verhaal, als zijnde de enige reden voor de daad, te aanvaarden, hoewel het motief inderdaad een rol kan hebben gespeeld, aangezien Septimius Geta vermoedelijk aanwezig was in Viminiacium, evenals Marius Maximus, de waarschijnlijke bron van het verhaal.[122] Maar Severus had ongetwijfeld voordien de beslissing al genomen, enkel het tijdstip en de plaats kan gekozen zijn in functie van het temperen van Geta’s ambities.[123]  De Historia Augusta veronderstelt tevens, ten onrechte, dat ook Caracalla’s jongere broer, Geta, een naamswijziging onderging en ook hij Antoninus werd genoemd, opdat ook hij als troonopvolger zou optreden.[124] De Historia Augusta heeft het echter niet bij het rechte eind, want de naam is voor Geta nergens anders geattesteerd.[125] Geta werd pas later opgenomen in Severus’ opvolgingspolitiek.

 

Na de overwintering in Moesia trok de keizerlijke familie samen met het leger westwaarts. In Poetovio in Pannonia Superior, in de lente van 196 splitste de groep zich: Severus liet zijn leger verder marcheren naar Gallia terwijl hij naar Rome vertrok; Caracalla werd achtergelaten in Pannonia Superior.[126] Caracalla’s aanwezigheid daar blijkt uit een inscriptie[127]evenals uit het feit dat in deze provincie heel wat portretten van Caracalla werden gevonden die hem voorstellen als een kind-keizer en dus uit deze periode stammen.[128]

Onder wiens bescherming Caracalla werd geplaatst in Poetovio is niet overgeleverd. Mogelijk was dit opnieuw L.Fabius Cilo die als legatus van Pannonia ter plaatse was.[129] Severus trok naar Rome om de Caesar –proclamatie van zijn zoon te laten bekrachtigen door de senaat, evenals zijn zelf-adoptie in de gens Aurelia. Daarbij werden hem de keizerlijke waardigheidstekenen verleend.[130] Op het einde van de zomer van 196 vertrok Severus naar Gallia om er de confrontatie met Albinus aan te gaan.[131]

Waarom werd Caracalla al die tijd in Pannonia gelaten? Waarschijnlijk achtte Severus het beter nu hij ten oorlog trok tegen Albinus om zijn zoon op een veilige plaats te houden. Albinus en zijn aanhangers zouden de nieuwe Caesar kunnen ontvoeren of uitschakelen; daarom was het beter Caracalla weg te houden uit Rome en weg van het front, waar het gevaar te groot was. Onder de hoede van de goeverneur van Pannonia, de vertrouweling Fabius Cilo, was zijn zoon zeker veilig en de opvolging verzekerd...

 

Septimius Severus nam, zoals vermeld de naam over van Pertinax, hoewel hij daar niet mee verwant was en zorgde er in 193 voor dat deze vergoddelijkt werd. In 195 riep hij zichzelf uit tot de zoon van de vergoddelijkte Marcus Aurelius en bekwam de vergoddelijking van Commodus, zodat hij zich de broer van de vergoddelijkte Commodus kon noemen. Gesche wijst op een parallel met 2 andere keizers, namelijk Macrinus en Elagabalus. Macrinus nam Severus’ naam over en veranderde de naam van zijn zoon in “Antoninus”, net als Severus had gedaan met Caracalla; bovendien ijverde hij, onder druk van het leger voor de vergoddelijking van Caracalla. Die werd verwezenlijkt onder Macrinus’ opvolger, Elagabalus, die zich “divi Antonini filius” noemde. De vergoddelijking van directe voorgangers was voor deze keizers dus belangrijk, niet alleen omwille van de wens in een dynastieke traditie te staan en ter legitimatie van de eigen heerschappij het beeld van continuïteit met het verleden te verzekeren, maar ook omwille van de mogelijkheid en het recht om zich “divi filius” (en/of “divi frater”) te noemen. In het geval van Severus, in het kader van de woelige burgeroorlog, kon hij zich zo propageren als zijnde kwalitatief hoogstaander dan elke andere concurrent, die zijn aanspraken op de troon slechts te danken had aan de proclamatie door de eigen troepen, terwijl Severus ook dynastiek, als opvolger van goddelijke voorouders, recht had op de macht.[132] Met de naamsverandering van Caracalla en de toekenning van de Caesar- titel werd meteen ook geopenbaard dat hij zijn dynastieke opvolger zou worden en niet Albinus waarmee Severus nu openlijk de confrontatie aanging. De eerste munten die in naam van Caracalla werden geslagen maakten meteen duidelijk aan Albinus en de buitenwereld dat met de benoeming van zijn zoon er nu hoop was op een vreedzame toekomst voor het Rijk.[133]

 

c) De keizerlijke propaganda:

 

Door zich uit te roepen tot de zoon van Marcus Aurelius plaatste Septimius Severus zichzelf en zijn nakomelingen in een fictieve keizerlijke dynastie. Een belangrijke stap, met het oog op een opvolging door Caracalla. Septimius trachtte in de keizerlijke propaganda zijn macht en heerschappij te legitimeren door affiliatie met de gens Aurelia als de zoon van Marcus Aurelius. Hoewel Severus zijn adoptie pas in 195 bekendmaakte schijnt hij ze al sinds het begin van zijn keizerschap in 193 voorbereid te hebben met een zorgvuldig geplande propaganda. Zo schijnt de daad nauwelijks protest uitgelokt te hebben in de Romeinse wereld.[134] Met een heus propagandaplan werd er al een politieke basis gevormd voor zijn adoptie en de legitimatie van zijn dynastie.[135] In de propaganda was het wel noodzakelijk op voorzichtige en subtiele wijze te werk te gaan, gezien Severus in de beginfase nog een alliantie was aangegaan met Albinus tegen Niger en zijn rivaal en zijn aanhang in geen geval mochten merken dat hij met zijn adoptie in feite een dynastie wilde vestigen. De delicate politieke alliantie met Albinus mocht in geen geval verbroken worden door provocatie. Hoe ging Severus dan te werk om, gezien de kritieke politieke situatie, toch al een adoptie en een erfopvolging voor te bereiden?

 

Vanaf het moment dat hij keizer werd begon Severus al in de keizerlijke propaganda de boodschap te verspreiden dat hij de rechtmatige opvolger was van de dynastie van de Antonini. Een belangrijke rol daarin speelden de omina imperii, de mirakels, voorspellingen en dromen die wijzen op een goddelijke voorzienigheid. Zij versterken het gezag van de keizer en ondersteunen de idee dat hij de macht met recht heeft verworven door dynastieke opvolging. Tenminste één anekdote kan in verband gebracht worden met de adoptie: bij Cassius Dio lezen we dat Severus tijdens zijn huwelijksnacht droomde dat Faustina, de vrouw van Marcus Aurelius, hun huwelijkskamer in de tempel van Venus op de Palladijn klaarmaakte.[136] De diepere betekenis is duidelijk: Severus’ keizerlijke toekomst is bepaald door een goddelijke voorzienigheid, en bovendien is hij door Marcus Aurelius en zijn vrouw Faustina aanvaard als lid van de familie.[137] Baharal is ervan overtuigd dat Severus deze geruchten al bij zijn aankomst in Rome in 193 liet verspreiden, kort nadat Didius Iulianus was terechtgesteld. Hij moedigde de publicatie en verspreiding van dergelijke pamfletten aan. [138] Cassius Dio schijnt zich op dat vlak zeer verdienstelijk gemaakt te hebben toen hij een pamflet schreef over Severus’ dromen en visioenen dat hij hem ook overhandigde.[139]

 

Tijdens Severus’ korte verblijf in Rome in 193 nam de keizer meteen de muntslag in handen en schakelde die mee in zijn keizerlijke propaganda.[140] Hoewel hij zijn adoptie-en dynastieke plannen in de muntslag pas expliciet openbaarde in 195 werden er in de munten vanaf 193 toch al aanwijzingen voor gegeven. Eerst liet hij een munt slaan voor Albinus als teken van goede wil, maar tegelijk begon hij de muntslag te gebruiken voor zijn bewuste einddoel, de adoptie in de gens Aurelia. Hij gaf meteen instructies met betrekking tot het type van portret dat op de munten diende te verschijnen. Het onderzoek van de portretten op de munten in de periode 193-195 heeft uitgewezen dat die intentioneel geleken op die van Marcus Aurelius. Dezelfde instructies moeten ook gegeven zijn aan de beeldhouwers in Rome want het onderzoek van de gebeeldhouwde portretten van de periode 193-195 vertonen diezelfde intentionele gelijkenissen.[141] Dit laatste aspect van de propaganda werd ook toegepast op de gebeeldhouwde portretten van de andere leden van het keizerlijke huishouden. Zo is er een sterke gelijkenis tussen de kindportretten van Caracalla en Geta en de kindportretten van Commodus en Annius Verus. Ook Iulia Domna’s portretten uit de periode 193-211 vertonen sterke gelijkenissen met die van Faustina de Jongere.[142] Deze gelijkenissen werden bewust gecreëerd als propagandamiddel om Severus’ bewering de directe erfgenaam te zijn van de Antonijnse dynastie te staven en te promoten. Omwille van de delicate politieke situatie was het belangrijk Albinus en zijn aanhang niet voor de borst te stoten en dit noopte Severus tot voorzichtigheid met betrekking tot deze eerste portret-instructies en zijn keizerlijke propaganda in het algemeen. Dit bracht hem ertoe ook de portretten van zijn rivalen en voorgangers te laten gelijken op die van Marcus Aurelius. [143]

 

Munten maken dus duidelijk dat Severus,in de propaganda van de periode vóór de bekendmaking van zijn adoptie, zichzelf en zijn familie, al liet associëren met Marcus Aurelius en zijn familie. In deze periode kregen ook de anekdotes over mirakels, die tijdens zijn veldtochten zouden hebben plaatsgevonden, een belangrijke rol toegewezen in de keizerlijke propaganda. Zowel Dio als Herodianus vertellen over mirakels waarbij het weer plots gunstig veranderde, zodat Severus’ leger gered werd uit een kritieke situatie. Voor de soldaten betekende dit telkens dat de redding door goddelijke inmenging gebeurde.[144] Zij vertonen sterke gelijkenissen met een aantal situaties waarin Marcus Aurelius’ leger zich had bevonden.[145] Het is waarschijnlijk dat Severus, naast de goddelijke implicaties van de mirakels, deze gelijkenissen tussen hem en Marcus ook beklemtoonde in de keizerlijke propaganda en hij bewust bij elke gebeurtenis de verspreiding van dergelijke geruchten en pamfletten aanmoedigde.[146]

Het is dus duidelijk dat Severus van bij zijn troonsbestijging gewerkt heeft aan de fundering van zijn dynastie en dat hij grootse plannen had voor Caracalla, lang voor hij ze bekend maakte aan de buitenwereld.

 

Eenmaal Severus zijn adoptie en de Caesar-benoeming van Caracalla had bekendgemaakt, betekende dit niet het einde van zijn inspanningen om zich te laten associëren met de gens Aurelia. Severus gaat hierin verder en dit komt tot uiting in de imitatie van een aantal van Marcus Aurelius’ handelingen. Die imitatie heeft dan een directe invloed op de andere leden van de keizerlijke familie. Zoals reeds is aangegeven werd ook Iulia Domna in deze fase van de keizerlijke propaganda ingeschakeld, waarbij zij sterk in verband werd gebracht met Faustina de Jongere.[147] Er zijn daarvan vele voorbeelden te vermelden. Zowel Dio als de auteur van de Historia Augusta vertellen ons dat Faustina de titel mater castrorum kreeg van haar echtgenoot, en dit na diens overwinning op de Quadi in 174.[148] Deze titel komt op inscripties voor, samen met het 7e keizerlijk saluut van Marcus Aurelius.[149]  Uit munten[150] en inscripties[151] blijkt dat Iulia Domna eveneens deze titel kreeg van haar echtgenoot en deze komt ook voor samen met het 7e keizerlijk saluut van Septimius Severus.[152] Vanaf 14 april van het jaar 195 is de keizerin geattesteerd met deze titel; precies in de periode van de zelfadoptie van haar echtgenoot en oudste zoon in de gens Aurelia.[153] Faustina zou de titel ontvangen hebben omdat ze mee was gegaan met Marcus Aurelius op veldtocht.[154] Vermoedelijk ging ook Iulia Domna mee op veldtocht met haar echtgenoot en was haar persoonlijke aanwezigheid in de legerkampen, determinerend voor het verlenen van deze titel.[155] Maar als bijkomende reden kunnen we daar zeker de wens van Severus om zichzelf en zijn gezin zoveel mogelijk te associëren met Marcus Aurelius, aan toe voegen. De reden ook waarom ze wellicht werd meegenomen op veldtocht, net als Faustina door Marcus Aurelius.[156] Severus wou door dit alles Iulia Domna laten aanvaarden als de legitieme opvolgster van Faustina. In deze vroege jaren vormde Iulia als mater castrorum een symbool van militaire en burgerlijke stabiliteit en vertegenwoordigde ze ook Severus’ streven om het leger te binden aan de keizerlijke familie.[157] Ook de legendes op de munttypen van Iulia Domna werden in deze periode gekozen in functie van de dynastieke politiek van Severus. Er werden legenden gebruikt die ook gebruikt werden voor de Antonijnse vrouwen, gaande van Faustina de Oudere tot Crispina. Zo werd aansluiting gezocht met de vroegere traditie en gepoogd de band tussen beide dynastieën te verstevigen.[158]

 

Septimius Severus’ streven om geassociëerd te worden met zijn fictieve adoptievader had ook betrekking op Caracalla en Geta. Caracalla werd daarbij geassociëerd met Commodus en Geta met Annius Verus. Zo is er een intentionele gelijkenis tussen de kindportretten van Caracalla en Commodus enerzijds en anderzijds tussen Geta en Annius Verus.[159] Zo zien we in inscripties dat er naar Geta wordt verwezen met “Iulia’s zoon”[160], net zoals tevoren Annius Verus, in inscripties “Faustina’s zoon” werd genoemd. [161] De titel propagator imperii die voorkomt op munten van Caracalla is ook geattesteerd in inscripties en op medailles ter ere van Lucius Verus, Commodus en Marcus Aurelius.[162] Wij vermoeden dat Severus zijn dynastieke politiek wel eens kan gebaseerd hebben op de heerschappij van Marcus Aurelius, maar daarover verder meer.[163] De propaganda van Severus kende een enorm succes want verspreid over het Romeinse Rijk werden er verscheidene ere-inscripties gevonden die Severus vermelden met zijn afstamming tot aan de vergoddelijkte Nerva.[164] Reeds geruime tijd voor de officiële adoptie, sinds april 193, had Severus door middel van een zorgvuldig doordachte propaganda gebouwd aan een politieke basis voor zijn adoptie. Door die basis kwam het nieuws in 195 niet als een verrassing; men was al gewend aan de idee.[165] 

 

d) Caracalla wordt aangeduid als “imperator destinatus” en “princeps iuventutis”

 

Na de overwinning op Albinus trok Severus naar Rome. Eerst had hij P.Porcius Optatus Flamma naar Pannonia gedelegeerd om de aldaar achtergebleven Caracalla op de hoogte te brengen van het behaalde succes.[166] In Rome is de aanwezigheid van de keizerlijke familie met zekerheid geattesteerd op 9 juni 197.[167] In de lente of in de zomer van dat jaar worden aan Caracalla verdere eerbewijzen geleverd en dit blijkt duidelijk in de muntslag. Er worden nu munten geslagen waarop Caracalla de titel pontifex draagt en aangeduid wordt met imperator destinatus.[168] Hij draagt nu ook de titel princeps iuventutis.[169] De titels komen ook voor in inscripties.[170]

Op dit moment was Severus de onbetwiste machthebber geworden. Door zorgvuldige propaganda had hij een dynastie gevestigd en die “gelegitimeerd” door ze te verbinden met de voorgaande dynastie van de Antonini. Op dit moment was het reeds duidelijk dat Caracalla zijn vader zou opvolgen; hij was nu immers Caesar, was aangeduid als imperator destinatus en droeg de titel princeps iuventutis. Het was meteen duidelijk dat Caracalla op termijn ook volwaardig keizer zou worden, maar daarvoor vond Severus het blijkbaar te vroeg. Eerst wou hij nog een zegerijke veldtocht leiden tegen de Parthen. Zo’n campagne zou, na de periode van burgeroorlogen, zeker bijdragen bij de consolidatie van zijn macht en de legitimatie van zijn dynastie. Vóór het vertrek werden al maatregelen getroffen om het Romeinse volk gunstig te stemmen met de organisatie van grootse spelen en gelduitdelingen.[171] Ook dat droeg uiteraard bij tot de machtsconsolidatie.

 

Vervolgens vertrok Septimius Severus op veldtocht  naar het oosten.[172] Vrouw en kinderen vergezelden hem, evenals zijn verwant Fulvius Plautianus, de prefect van de pretoriaanse wacht, eveneens afkomstig uit de provincie Africa en voor het later verloop van Caracalla’s leven een belangrijk figuur.[173] Voor Caracalla betekende de reis een belangrijke ervaring. Severus zal hem ten opzichte van de troepen wellicht veel getoond hebben als jonge Caesar om zo de loyauteit en populariteit van zijn dynastie te vergroten en het leger er verder aan te binden. In deze jaren werd mogelijk de basis gelegd voor een populariteit van Caracalla bij de troepen die zijn hele leven groot zal blijven en die er na zijn dood zal toe bijdragen dat hij met steun van de troepen zal vergoddelijkt worden onder zijn opvolger Macrinus. De liefde tussen Caracalla en het leger was wederzijds en het belonen en het eren van de troepen zal ook als een rode draad door zijn leven lopen.[174]

 

e) Caracalla wordt Augustus en Geta wordt Caesar

 

Volgens de Historia Augusta riep Severus op 28 januari 198 zijn zoon uit tot Augustus, nadat op die dag Ctesiphon veroverd werd op de Parthen.[175] Voor het eerst nam hij ook openlijk zijn jongere zoon, Geta, op in zijn opvolgingspolitiek door hem tot Caesar te benoemen.[176] De dag viel samen met de 100e verjaardag van de troonsbestijging van Traianus hetgeen het prestige van de overwinning nog verhoogde. Op deze manier kon hij zich verder laten associëren met de roemrijke dynastie van de Antonini, waarvan hij beweerde de erfgenaam te zijn. De meeste onderzoekers nemen de datum van de overwinning en de proclamatie aan.[177] In feite is de precieze datum van zowel de overwinning op Ctesiphon als van de benoemingen van Caracalla en Geta niet met absolute zekerheid geweten. De benoeming van Caracalla tot Augustus vond zeker plaats vóór 3 mei 198, zoals blijkt uit een inscriptie. [178] De eerste munten die in naam van Caracalla als Augustus werden geslagen dateren van 198.[179] Toch wijzen een aantal munten van Severus erop dat Caracalla al voor het einde van het jaar 197 tot Augustus was verheven. [180]

 

Munten wijzen er op dat Caracalla al werd verheven vóór het einde van 197. Toch vierde Caracalla zijn dies imperii op 28 januari.[181] Rubin heeft overtuigend geargumenteerd dat we hier te maken hebben met een Severische propagandistische ingreep. De verovering van Ctesiphon heeft vermoedelijk al plaatsgevonden in de herfst van 197 evenals de daaropvolgende promoties van Caracalla en Geta.[182] Severus liet echter bewust zijn zoon zijn dies imperii vieren op 28 januari en liet de officiële proclamaties voor de troepen wellicht ook op deze datum gebeuren. Op deze manier werd de kalender gemanipuleerd door de Severische regering om de overwinning een groter prestige te geven door ze te laten samenvallen met de 100e verjaardag van Trajanus’ troonsbestijging.[183] Het bood Severus nogmaals de gelegenheid om zich te associëren met de dynastie van de Antonini om zo bij te dragen tot de ideevorming dat hij ook werkelijk lid was van de dynastie. Ook Caracalla’s dies imperii liet hij vieren op die dag om de banden tussen zijn dynastie en die van de Antonini te onderstrepen. Na de dood van Severus zal Caracalla zijn dies imperii vieren op 4 februari, de sterfdag van Severus. Dit is de dag waarop officieel de dubbelheerschappij begon van Caracalla en Geta.[184]

 

Begin 198 was Severus opvolgingspolitiek dus tot een nieuwe dimensie gebracht. Caracalla was nu feitelijk mederegent geworden en bezat nu ook voor het eerst de tribunicia potestas .[185] Naar aanleiding van de overwinning bij Ctesiphon en zijn Augustus-proclamatie werd Caracalla ook voor het eerst gesalueerd als imperator.[186] Ook Geta was nu opgenomen in Severus’ dynastieke politiek. Hij droeg nu de officiële titel van Caesar nobilissimus en vanaf 200 komt hij op munten ook voor als princeps iuventutis.[187] Caracalla was nu in naam volwaardig mederegent geworden, ondanks het feit dat hij nog een kind was. Opmerkelijk is ook dat Severus in deze fase blijkbaar de intentie had om ook zijn jongere zoon tot de erfopvolging voor te bereiden. Toch zou het nog tot 209 duren vooraleer die intentie definitief werd gerealiseerd met het verlenen van de Augustus –titel aan Geta.

 

f) Het consulaat van Severus en Caracalla

 

De oorlog tegen de Parthen werd pas op het einde van 199 officieel beëindigd. Severus was al begin januari van dat jaar vertrokken naar Egypte, via Palestina.[188] Iulia Domna, de 11-jarige Caracalla en de 10-jarige Geta reisden als leden van de “domus divina” mee. Er werd een tijd verbleven in Alexandria, waarbij Septimius Severus de graftombe van Alexander de Grote bezocht.[189] Hij liet de tombe bij zijn bezoek permanent verzegelen opdat na hem, niemand het gebalsemde lichaam van Alexander de Grote nog zou kunnen zien.[190] Waarschijnlijk bezocht ook Caracalla het graf en Severus’ daad moet daarbij ongetwijfeld een grote indruk gemaakt hebben op de jonge knaap, hetgeen niet onbelangrijk is met het oog op zijn latere “Alexander-imitatio”.[191] Vanuit Egypte vertrok de keizerlijke familie, via de zee, naar de provincie Syria. Begin 201 nam Septimius Severus de beslissing om het volgende jaar samen met Caracalla het consulaat te bekleden.[192] Kort tevoren had Severus de toga virilis verleend aan zijn oudste zoon, toen deze de volwassen leeftijd bereikt had. Begin 202 betraden Severus en Caracalla te Antiochia samen het consulaat. [193] 

 

Het consulaat van 202 was bijzonder zeldzaam en opmerkelijk: niet alleen was het de eerste keer dat twee medekeizers samen het consulaat bekleedden[194], maar was het bovendien zeldzaam dat beide consuls hun ambt aanvatten buiten Rome. Het feit dat beiden te Antiochia het consulaat betraden, betekende voor deze stad, die in de burgeroorlog fervent Niger had gesteund en daarvoor ernstig was bestraft, een groot eerbewijs en een teken van een hernieuwde keizerlijke welwillendheid. [195] Voor een provinciestad was het een vreemde en zeldzame eer.[196] Het is niet ondenkbaar dat de uit Syria afkomstige Iulia Domna een zekere invloed had op Severus’ houding ten opzichte van Antiochia, als zijnde de belangrijkste stad van de provincie. Ook Caracalla kan een rol gespeeld hebben; zo meent de Historia Augusta dat het dankzij hem was dat de stad in haar rechten werd hersteld.[197] Volgens Birley wijst dit erop dat het Severus’ bedoeling was officieel te verklaren dat de maatregel volgde op verzoek van Caracalla, “waarmee hij zijn zoon meer op het voorplan kon plaatsen en hem al een basis van goed wil kon verschaffen”[198]

 

Caracalla was op dit moment net geen 14 jaar oud en had de hoogste benoemingen en titels reeds ontvangen op een buitengewoon jonge leeftijd. In zijn achtste levensjaar was hij al Caesar, in zijn tiende Augustus en op 13-jarige leeftijd bekleedde hij reeds het consulaat. Het is onduidelijk in hoeverre die titels en benoemingen gekoppeld waren aan een reëele macht, in hoeverre Caracalla betrokken werd in het eigenlijke bestuur? Het imperium bezat hij vanaf zijn benoeming tot Augustus (IMP I), maar dit was daarom niet gekoppeld aan een reëele macht want elke keizer kreeg bij het aantreden het imperium. Caracalla zal het imperium (IMP II) voor het eerst ontvangen in 207, in het kader van de oorlog in Britannia.[199] In de periode daarvoor werd in de muntslag alleszins de boodschap uitgestuurd dat Caracalla ook mee deelde in de verantwoordelijkheden van het keizerschap, maar dit betekent niet dat het daarom ook zo was.[200] De talrijke keizerlijke rescripten en verordeningen werden in elk geval in naam van beide keizers uitgevaardigd, maar dit betekent niet dat Caracalla deelnam aan de beslissingen.[201] Het lijkt ons waarschijnlijk dat de reëele macht volledig in handen was van Severus en alle beslissingen door hem werden genomen. Mogelijk werd Caracalla wel naarmate de tijd vorderde meer en meer betrokken bij de staatszaken en werd zijn mening meer en meer gepolst, maar de eindbeslissing lag wellicht steeds bij Severus[202] Zo kon de jonge troonopvolger al ervaring op doen die hij later zeker zou kunnen gebruiken. Het verlenen van de hoogste benoemingen en titels aan Caracalla maakt deel uit van Severus’ dynastieke politiek, maar ook van zijn politiek om zijn eigen macht te consolideren. De opvolging was niet automatisch verzekerd zodat het voor Severus van belang was om zijn zoon te overladen met zo veel mogelijk titels; vanaf het moment dat ze met enige waardigheid konden ontvangen worden. Doordat Severus zijn zoon als opvolger kon laten erkennen, werd ook zijn eigen positie als keizer enorm versterkt. Een keizer die zijn opvolger al had gekozen en hem verreikende machten had verleend, was minder kwetsbaar voor samenzweringen en rebellieën.

 

g) Hoe kan men de dynastieke politiek van Severus verklaren?

 

            Op het einde van het jaar 197 was Severus dynastieke politiek geëvolueerd tot een dubbelkeizerschap van zichzelf met zijn oudste zoon Caracalla. Tegelijkertijd was ook zijn jongste zoon Geta met de benoeming tot Caesar in de opvolgingspolitiek opgenomen. Op dit moment zou men kunnen verwachten dat Severus’ politiek in de nabije toekomst zal uitmonden in een drie-keizerschap (een triumviraat) van Severus en zijn twee zonen. Toch zal het nog duren tot het einde van 209 vooraleer ook Geta tot Augustus werd benoemd. Waarom Severus’ dynastieke politiek zo is gelopen weet men niet.[203] Wij vermoeden dat men die politiek dient te beschouwen in het kader van Severus’ filiatio Antonini en denken dat Severus zijn dynastieke politiek gebaseerd heeft op de politiek van Marcus Aurelius ter zake. We hebben duidelijk aangetoond dat Severus vanaf het moment d