PtolemaeÔsch Egypte voor de Romeinse verovering. Onderzoek naar de sociaal-economische situatie op het einde van de tweede en het begin van de eerste eeuw v.C. tot de Romeinse verovering in 30 v.C. (Delphine Deleersnyder)

 

home lijst scripties inhoud vorige volgende

Problemen met Griekse tekst?

 

1. Algemene schets van de politieke situatie in het Lagidenrijk van 116 v. C. tot de ondergang van het rijk.

 

1.1 Wat vooraf ging.

 

Om de themaís die in dit werk aan bod komen beter te begrijpen en te situeren, geven we hier wat achtergrondinformatie over de periode vanaf het ontstaan van het Lagidenrijk tot 116 v. C.

 

Toen Alexander de Grote in 331 v. C Egypte bij zijn rijk toevoegde, werd hij gezien als de grote bevrijder van een volk dat na een zestigtal jaar van onafhankelijkheid (van circa 410 v.C tot 343 v.C.) terug onder het juk van de Grote Koning was gevallen. Deze tweede Perzische overheersing werd moeilijk aanvaard door de Egyptenaren, die wreed onderdrukt werden. Na de komst van Alexander volgden heel wat Grieken hem naar Egypte.

Bij de dood van Alexander in 323 v. C., werd een strijd uitgevochten tussen zijn generaals om de verdeling van de macht over het grote rijk, de diadochenstrijd. Uiteindelijk verwierf Ptolemaeus, zoon van Lagus, de heerschappij over Egypte. Zo ontstond het PtolemaeŽnrijk. Hij riep zichzelf uit tot koning in 305 v. C. Aan zijn opvolgers liet hij een stabiele, relatief evenwichtige staat tussen Grieken en Egyptenaren na. Hij bezette Coele SyriŽ[10] na 301 v. C. en later Cyprus, vele AegeÔsche eilanden, vele steden op Kreta en het zuiden van Klein-AziŽ. Onder zijn bewind werden de eerste lijnen van de Griekse administratie van Egypte vastgelegd. Hij stichtte de Alexandrijse Bibliotheek en het Museum. Hij richtte ook de verering van Sarapis op.

 

Ptolemaeus II Philadelphus breidde het rijk van zijn vader verder uit. Hij had zijn zus ArsinoŽ II als co-regent. In een eerste Syrische oorlog (274-271 v. C.), behield hij de controle over Coele SyriŽ, maar in de tweede Syrische oorlog (260-253 v. C.) verloor hij gebied aan Antiochus II. Hij installeerde ook de dynastieke cultus, die Grieken en Egyptenaren verenigde.

 

Ptolemaeus III Euergetes I, viel SyriŽ binnen als wraak voor de moord op zijn zus Berenike. Zij werd vermoord door Laodike, de ex-vrouw van haar echtgenoot Antiochus II na diens dood. Dit was het begin van een derde Syrische oorlog. In deze oorlog verwierf hij Seleucia Pieria, de havenstad van AntiochiŽ, de vijandelijke hoofdstad. Deze oorlog zorgde voor een grote gebiedsuitbreiding en was de grootste triomf van de PtolemaeŽn ooit.

De derde eeuw v. C. was het hoogtepunt van het Lagidenrijk. Een efficiŽnte leiding van het land liet een brede buitenlandse handel toe. Het machtige leger maakte interventies in zaken uit heel het Middellandse-Zeegebied mogelijk en AlexandriŽ werd een bloeiende culturele stad. Toch werden naar het einde van deze eeuw toe reeds spanningen opgemerkt in Egypte door een overexploitatie van het land. Deze spanningen werden nog erger door de corruptie van de ambtenaren. Ook de socio-culturele spanningen tussen een regerende klasse van vreemde origine en een inheemse massa, overladen met belastingen en zwaar werk, werden steeds duidelijker. Daarbij zorgde Antiochus III voor een dreiging van buitenaf.

 

In de vierde Syrische oorlog (221-217 v. C.) versloeg Ptolemaeus IV Philopator hem bij Raphia in 217 v. C. met de hulp van een troepenmacht van twintigduizend Egyptenaren. De Egyptenaren kregen voor het eerst de kans mee te strijden in het PtolemaeÔsche leger. Ze werden zich bewust van hun krachten en er volgde een opstand tegen het regime in een context van economische crisis die grotendeels veroorzaakt was door de vele oorlogen. Bij de dood van Ptolemaeus IV Philopator in 205 v. C., was er een afscheuring merkbaar van Opper-Egypte waar een inheemse dynastie het nu voor het zeggen had.

 

Antiochus III maakte gebruik van deze situatie en bij de vijfde Syrische oorlog (202-200 v. C.), verloren de PtolemaeŽn Panium[11] en Coele SyriŽ. De meeste bezittingen in Klein-AziŽ en in de AegeÔsche zee gingen verloren aan Philippus van MacedoniŽ. De vrede tussen Lagiden en Seleuciden werd bezegeld in een huwelijk tussen Ptolemaeus V Epiphanes en de dochter van Antiochus III, de eerste Cleopatra in de geschiedenis van het Lagidenrijk. In 186 v. C. werd de rebellie in het zuiden definitief verslagen.

 

Ptolemaeus VI Philometor volgde zijn vader op in 180 v. C. Het land werd vooral door zijn moeder Cleopatra I geregeerd tot haar dood in 176 v. C. Hij huwde zijn zus Cleopatra II. Dit was het begin van een donkere periode van verval van de centrale macht, intriges, dynastieke twisten en een zwakheid tegenover de buitenlandse machten.

Wanneer Antiochus IV Egypte binnenviel (zesde Syrische Oorlog: 170-168 v.C.), werden Cleopatra II en Ptolemaeus VIII, de broer van de koning, samen met hem op de troon gezet. Voor de eerste keer in de PtolemaeÔsche periode drong een vijandelijk leger diep binnen op Egyptische bodem.

In 164 v. C. werd Ptolemaeus VI verdreven door zijn broer. Hij vluchtte naar Rome waarbij Rome de rol van beschermer van het Lagidenrijk voor het eerst op zich nam. De Romeinen zetten hem terug op de troon samen met Cleopatra II. Hij zou regeren over Egypte en Cyprus en Ptolemaeus VIII behield de soevereiniteit over Cyrene. Tussen 163 en 145 v. C verbeterde de binnenlandse situatie in Egypte voelbaar. Ptolemaeus VI probeerde de macht in West-AziŽ te herstellen door dynastieke huwelijken van zijn dochter Cleopatra Thea met de rivalen, de Seleucidische prinsen Alexander Balas en Demetrius II. Met succes viel hij SyriŽ binnen en hij vroeg de Antiochiden koning van AziŽ te worden, dit werd een mislukking. Hij stierf in 145 v. C.

 

Na zijn dood regeerde Ptolemaeus VII Philopator II kort met zijn moeder Cleoptatra II. Hij werd vermoord door zijn oom Ptolemaeus VIII bij zijn terugkomst in AlexandriŽ in augustus/september van 145 v. C. 

 

Deze laatste trouwde met zijn zus, weduwe van zijn broer Cleopatra II. Ze kregen een zoontje Memphites genaamd. Hij nam het epitheton Euergetes aan. Reeds bij het begin van zijn regering stootte hij op tegenwerking van de Alexandrijnen en er volgde een genadeloze repressie.

Door zijn beslissing met zijn nichtje Cleopatra III te trouwen na drie jaar huwelijk met zijn zus, brak in het land een burgeroorlog uit in 132 v.C. Cleopatra III was de dochter van Cleopatra II en Ptolemaeus VI. Zijn nieuwe echtgenote schonk hem twee jongens en drie meisjes. De rivaliteit tussen moeder en dochter was te voorzien, beiden wilden ze hun afstammeling naar voren schuiven voor de troonsopvolging.

Cleopatra II verdreef haar echtgenoot en haar dochter, die de vlucht namen naar Cyprus. Ptolemaeus slaagde erin zijn zoon Memphites naar Cyprus te laten komen, hij liet hem vermoorden en stuurde het lichaam in stukken terug naar zijn moeder. Zo werd het land verdeeld onder de aanhangers van Cleopatra II enerzijds en van Ptolemaeus VIII en Cleopatra III anderzijds. Op zijn beurt slaagde Ptolemaeus VIII erin zijn zus-echtgenote te verdrijven in 124 v. C. en de problemen werden voortgezet. De lokale tegenstellingen tussen Alexandrijnen en de chŰra, tussen Grieken en Egyptenaren, tussen joden en Grieken ontaardden in onophoudelijke opstanden, provocaties en represailles; de boeren verlieten hun landen en organiseerden zich in roofbendes; de ambtenaren maakten zich schuldig aan afpersing; de velden werden niet meer bewerkt. Egypte stond op het punt economisch en sociaal ineen te storten. In deze context sloten Cleopatra II en Ptolemaeus VIII weer vrede en bij deze gelegenheid werd in 118 v. C. een amnestiedectreet uitgevaardigd. Ptolemaeus VIII stierf in 116 v. C.[12]

 

 

1.2 De opvolging van Ptolemaeus VIII Euergetes II en het verlies van Cyrene in 96v. C.: Cleopatra III, Ptolemaeus IX Soter II en Ptolemaeus X Alexander I.

 

Van de antieke auteurs is Pausanias de belangrijkste bron voor deze periode. Voor Pausanias is het verhaal over het einde van de tweede eeuw en het begin van de eerste eeuw v. C. in Egypte, ťťn van jaloezie en schandaal, complotten en intriges, moord en het komen en gaan van verschillende koningen.[13] Zeker is, dat in deze jaren de macht van de koninginnen heel groot was.

 

Bij zijn dood liet Ptolemaeus VIII twee zonen en drie dochters na uit zijn huwelijk met Cleopatra III: Ptolemaeus en Ptolemaeus Alexander, Cleopatra Tryphaena, de koningin van SyriŽ; een tweede Cleopatra die gehuwd was met haar broer, de oudere Ptolemaeus en Cleopatra Selene. Hij had ook nog een zoon bij zijn concubine Irene, Ptolemaeus Apion.[14]

In zijn testament trof Ptolemaeus VIII ongewone maatregelen. Duidelijk beÔnvloed door Cleopatra III, liet hij zijn rijk over aan haar en aan Ďdegene van haar zonen die zij verkoosí. Cyrene zou geregeerd worden door Ptolemaeus Apion als onafhankelijk koninkrijk. Wat hij voor Cyprus had gepland is onduidelijk. In de praktijk werd de eerstgeborene veelal de opvolger, maar de keuze van de koning was bepalend. Ptolemaeus VIII volgde de traditie dus niet.

Cleopatra had een voorkeur voor de jongste, maar er was tegenwerking van haar moeder en rivale Cleopatra II, van het nationale leger en de Alexandrijnen. De oudere zoon, die bij de dood van zijn vader vermoedelijk in Cyprus verbleef, werd op de troon gezet als Ptolemaeus IX Soter II.[15]

 

In een eerste periode had de jonge koning het moeilijk om op te komen tegen zijn moeder, hij kon ook niet verhinderen dat ze zijn eerste vrouw en zus, Cleopatra IV, aan wie hij heel gehecht was, van hem weghaalde en hem verplichtte te trouwen met zijn jongere zus, Cleopatra Selene, de vijfde Cleopatra.[16] Het regentschap van moeder en zoon is gekend als een periode vol conflicten.

Cleopatra IV die eerder had gehoopt op een plaats in de rij van koninginnen, besloot haar geluk te zoeken bij Antiochus IX Cyzicenus die van 113 v.C. in oorlog leefde met zijn halfbroer Antiochus VIII Grypus. Deze twee strijdden om de troon van het Seleucidenrijk. Cleopatra IV, die niet met lege handen haar bruidegom tegemoet wou gaan, ging eerst naar Cyprus, verzamelde daar een leger en vertrok naar SyriŽ. Of haar broer Ptolemaeus Alexander, die op dit moment in Cyprus verbleef iets met deze zaak te maken had, weten we niet.

In SyriŽ werd de strijd uitgevochten en Grypus slaagde erin AntiochiŽ in te nemen en vermoordde Cleopatra IV op aanraden van haar eigen zus, Cleopatra Tryphaena. Deze was met Grypus getrouwd. Nadat Cyzicenus Grypus opnieuw had verslagen, vermoordde hij Tryphaena om zijn vrouw te wreken. Dit speelde zich af in het jaar 111 v.C.[17]

 

In AlexandriŽ ging de dynastieke strijd verder en nu slaagde Cleopatra III erin de Alexandrijnen op te zetten tegen Soter II. Ze verspreidde het gerucht dat hij plannen smeedde haar te vermoorden. Hij werd verplicht te vluchten en zijn vrouw en zijn twee zonen bleven achter. Ptolemaeus Alexander werd uit Cyprus gehaald en werd uitgeroepen tot koning in 107 v.C. Soter II vluchtte naar Seleucia Pieria en vandaar herstelde hij zijn macht in Cyprus.

De oorlog tussen moeder en zoon werd nu verbonden met de conflicten in het Seleucidenrijk. Daar was de situatie chaotischer dan ooit. Antiochus VIII Grypus was koning in Damascus; Antiochus IX Cyzicenus in Noord-SyriŽ en Palestina was in handen van de joodse koning Alexander Jannaeus gevallen. Rond 109/108 v.C. had Soter II, een bondgenoot van Cyzicenus, deze 6000 soldaten gezonden om hem te helpen met zijn strijd tegen de joden. Cleopatra III koos de kant van Grypus en de joodse koning.

Soter II trok naar SyriŽ vanuit Cyprus, Cleopatra vanuit Egypte. Cleopatra Selene, de ex-vrouw van Soter II, werd door haar moeder gedwongen de plaats van haar dode zus Tryphaena in te nemen als echtgenote van Grypus[18]. Over de lotgevallen van de oorlog in Palestina, wijden we hier niet verder uit, voor de PtolemaeŽn veranderde er niets aan de situatie. Soter II keerde terug naar Cyprus, Cleopatra III naar Egypte.[19]

 

Nu brak er een twist uit tussen Ptolemaeus X Alexander I en zijn moeder. Hij moest AlexandriŽ verlaten in 103/2 , maar kwam terug in 101 v.C. en vermoordde zijn moeder.[20] Nu trouwde hij Cleopatra Berenike III, de dochter van zijn broer uit zijn huwelijk met Cleopatra IV.[21]

 

In 96 v.C. gebeurde er iets dat een grote rol speelde in de desintegratie van het PtolemaeŽnrijk. Ptolemaeus Apion, de koning van Cyrene, stierf en liet in zijn testament het land over aan de Romeinen. Het was het eerste stukje van de erfenis van de PtolemaeŽn die in Romeinse handen overging. Cyrene was ťťn van de belangrijkste buitenlandse bezittingen van het Egyptische rijk. Het was een rijk land met vele handelsbetrekkingen en nu waren alle inkomsten voor Rome.[22]

 

 

1.3 De tweede regeringstijd van Soter II van 88v.C. tot de dood van Ptolemaeus XII Auletes in 51 v.C.

 

1.3.1 De regering van Ptolemaeus Soter II tot 81/80 v.C.

 

In de herfst van 91 werd er onrust in Zuid-Egypte gemeld. Volgelingen van een rebel hadden landerijen aangevallen in de twee buurgouwen Latopolites en Pathyrites. Enkele jaren later, in 88 v.C., brak er een opstand uit in Thebe. De steden Pathyris en Krokodilopolis, ten zuiden van Thebe, bleven loyaal aan de dynastie. Soter II maakte van die onrust en van de betreurenswaardige situatie in Egypte gebruik.

Bij het begin van 88 v.C. was Alexander I verbannen door een militaire revolte en opstand van de Alexandrijnen. Waarschijnlijk waren de Alexandrijnen beledigd door zijn vriendelijke gevoelens tegenover de joden. Alexander I vluchtte naar SyriŽ, waar hij een huurlingenleger samenstelde en Egypte terug binnenviel. Deze poging mislukte en deze keer vluchtte hij samen met zijn vrouw en dochter naar Lycia. Van daaruit wou hij naar Cyprus, maar hij werd op zee gevangen en gedood.

Voor zijn campagne tegen Cyprus had hij geld moeten lenen aan de Romeinen. Waarschijnlijk liet hij zijn rijk als een soort borg over aan de Romeinen in het geval hij zou sterven. Het testament van Ptolemaeus X Alexander I en de vraag dat het opriep, betreffende de voor- en nadelen van Egypte als Romeinse provincie, drukten hun stempel op het politieke leven in Rome in de jaren 60-50 v.C.

Voor een tweede maal regeerde Soter II nu over Egypte en Cyprus en Egypte werden verenigd in ťťn koninkrijk. Hij regeerde samen met zijn dochter, de weduwe Berenike III. Een dergelijke graad van incest is niet ongekend in de pharaonische periode, maar dit is het eerste huwelijk van deze aard in de PtolemaeÔsche periode.[23]

 

De acht jaren waarin Soter II regeerde, waren jaren van opstand thuis en in het buitenland. Zijn eerste taak was de opstand in het zuiden overwinnen. De motieven van de opstandelingen waren verscheiden. Na drie jaar van rebellie werd Thebe verslaan en zwaar geplunderd.[24]

 

In zijn externe politiek koos Soter II een neutrale positie. Een nieuwe macht was in die tijd opgekomen in de figuur van Mithridates VI Eupator van Pontus. Zowel Rome als het huis van Mithridates vormden nu een bedreiging voor het Nabije Oosten. Tijdens het regenschap van Soter II lieten de Romeinen de zaak over het testament van Ptolemaeus X Alexander I onbeslist, waardoor hij de kans kreeg de externe zaken met rust te behandelen.

In 88 v.C. had Mithridates alle mannelijke afstammelingen van de Lagiden, de twee zonen van Ptolemaeus IX en de zoon van Ptolemaeus X, gevangen genomen op Cos. In 103 had Cleopatra III hen samen met de PtolemaeÔsche schat naar Cos overgebracht.

Dit verklaart waarom Soter II in 87/86 v.C. weigerde Sulla militaire hulp te verstrekken, wanneer hij vroeg een vloot samen te stellen tegen de Pontische vloot. Hij vreesde dat Mithridates daardoor maatregelen zou nemen en dat zijn zonen in gevaar zouden zijn. Het was moeilijk voor Soter II want hij kon Rome ook niet beledigen, nu zijn broers testament in handen van Rome was. Hij ontving Lucullus, gezonden door Sulla, in AlexandriŽ en liet hem proeven van de grootste luxe.

De situatie werd nog bemoeilijkt toen de zoon van Ptolemaeus X, de latere Ptolemaeus XI Alexander II erin slaagde te ontsnappen in 84 v.C. en door Sulla naar Rome werd gezonden. Indien Soter II nu de kant van Rome koos, moest hij vrezen voor het leven van zijn zonen, koos hij de kant van Mithridates, dan moest hij vrezen voor een kandidatuur van zijn neef.

Sullaís persoonlijke relatie met de jonge PtolemaeŽr gaf hem inzicht in de werking van de PtolemaeÔsche dynastie en hij overwoog de mogelijkheid om in te grijpen bij de volgende troonwissel in Egypte.

 

De dynastieke twisten om de macht hadden hun stempel gedrukt op de sociale en economische situatie. De opstand (88-86 v.C.) was enkel de top van de ijsberg. Ook de anachoresis was een groot probleem, waardoor te weinig land werd bewerkt.[25]

 

Ptolemaeus IX Soter II stierf in december 81 en liet zijn dochter Cleopatra Berenike III alleen op de troon.[26]

 

1.3.2 De regeringen van Cleopatra Berenike III, Ptolemaeus XI Alexander II, Ptolemaeus XII Auletes en het verlies van Cyprus in 58 v.C.

 

Aangezien een vrouwelijk regime tegen de tradities van het land inging, moest er een mannelijke vertegenwoordiger gevonden worden. De enige wettelijke afstammeling van de dynastie was dus Ptolemaeus Alexander, die in Rome verbleef. Sulla vond zijn eigen beschermeling op de Egyptische troon plaatsen geen slechte beslissing en hij zond Ptolemaeus Alexander naar Egypte. Er werd voorzien dat hij zou trouwen met koningin Berenike. De korte regeringsperiode van de nieuwe koning was een voorbeeld van de externe en interne situatie waarin Egypte zich bevond. Hij vermoordde zijn stiefmoeder na drie weken en daarop volgde een opstand van de Alexandrijnen waarin de koning werd vermoord zonder dat Rome reageerde.[27]

 

Opnieuw was er een probleem voor de opvolging. De enige Lagiden die nog in leven waren, waren de twee onwettelijke zonen van Soter II en zijn dochter, die ook door Mithridates VI waren gevangen genomen. Het was belangrijk de troon te vullen voordat Rome zich ging bemoeien. Er was nog altijd de vrees dat de Romeinen de Alexandrijnen het testament van Alexander I zouden voorhouden. Dus de oudste zoon werd uitgeroepen tot koning van AlexandriŽ, de jongste tot koning van Cyprus. De bijnaam van Ptolemaeus XII werd de fluitspeler of Auletes. Hij trouwde zijn zus Cleopatra VI.

Voor de regering van Auletes zijn Cassius Dio en Appianus[28] onze belangrijkste literaire bronnen.

 

Het is mogelijk dat de Romeinen het testament van Alexander I gebruikten om druk uit te oefenen op de koning of om inkomsten af te persen, maar de situatie bleef relatief kalm tot het midden van de jaren zestig van de eerste eeuw v.C. Er werd hevig over gediscuteerd in Rome. De belangrijkste zorg op buitenlands gebied was voor Auletes zich te laten erkennen door Rome als koning van Egypte. De officieren van de verschillende politieke partijen kocht hij om. In het bijzonder rekende hij op de steun van Pompeius. Deze had juist de Derde Mithridatische Oorlog (74/73-63 v.C.) afgesloten en had van SyriŽ, Pontus en CiliciŽ Romeinse provincies gemaakt. Ptolemaeus XII bood Pompeius achtduizend ruiters aan voor zijn campagne in Judaea. De Alexandrijnen die zich de tijd herinnerden dat Palestina nog een deel van het PtolemaeÔsche rijk was, keurden deze daad af.

De koning moest de hoge kosten van zijn politiek financieren door het heffen van belastingen. De situatie van de werkende bevolking in Egypte verslechterde dus nogmaals. Ptolemaeus XII hielp Pompeius bij de uitrusting van het leger en daarvoor moest hij zelfs geld lenen van Romeinen, in het bijzonder van de bankier C. Rabirius Postumus. Het werd alsmaar erger en de te hoge belastingen leidden tot stakingen.[29]

Wanneer Pompeius dus actief was in het oosten, stelde Auletes zijn hoop op hem. In Rome planden de populares, rond Crassus en Caesar geschaard, de eventuele annexatie van Egypte. Met de bedoeling dit te vermijden, beloofde Auletes zesduizend talenten aan Caesar en Pompeius in ruil voor een erkenning als wettelijke koning van Egypte, een som gelijk aan de gehele jaarlijkse inkomst van Egypte. Bij een senatus consultum werd hij uitgeroepen tot koning van Egypte en Ďbondgenoot en vriend van het Romeinse volkí.

 

Maar in het senatus consultum werd niets gezegd over Cyprus. In 58 v.C. vaardigde de tribuun Clodius van de partij van Caesar, een wet uit waarin Cyprus een Romeinse provincie werd. De koning werd in ruil voor zijn land een ambt als hogepriester in de tempel van Aphrodite in Paphos aangeboden: hij verkoos echter zelfmoord te plegen.

Zo bleef Egypte over als enige bezit van de Lagiden. Cyrene en Cyprus waren beide in handen van de Romeinen. De Alexandrijnen kwamen nu in opstand tegen Auletes: hij had niets gedaan om zijn broer te redden en hij werd uit Egypte verstoten in 57 v.C. Auletes ging in Rome klagen en vroeg daar zijn positie te verzekeren door Romeins militair geweld.[30]

 

1.3.3 De terugkomst van Auletes tot zijn dood in 51 v.C.

 

De Alexandrijnen zetten nu de oudste dochter van Ptolemaeus XII op de troon, Berenike IV, samen met haar moeder Cleopatra VI.

De Alexandrijnen verwachtten weerstand van de Romeinen en van de inwoners van Egypte door dit nieuwe regime, met een vrouw aan het hoofd. Ze zochten dus een man voor Berenike. Ze stelden een Seleucus, die beweerde afstammeling te zijn van het Seleucidenhuis, voor. Hij huwde Berenike, maar werd door haar na een paar dagen vermoord. Een zekere Achelaus, die de zoon van Mithridates VI beweerde te zijn, werd openlijk aanvaard als haar toekomstige echtgenoot. Hij was echter de zoon van een generaal van Mithridates die Achelaus heette.

 

In Rome werd Ptolemaeus XII gesteund door Pompeius. In realiteit wilde Pompeius alleen een militaire campagne voeren in Egypte. Door omkoping of door het beloven van grote sommen, kreeg Auletes brieven van steun van Pompeius geadresseerd aan de proconsul van SyriŽ, A. Gabinius. Deze marcheerde naar Egypte door Palestina. Aan het hoofd van de ruiterij stond Marcus Antonius. Auletes werd voor een tweede keer koning van Egypte door tussenkomst van een Romeins leger. Ptolemaeus XII vierde zijn terugkomst met slachtingen en verbanningen. Zijn eerste slachtoffer was Berenike, die de macht had gegrepen tijdens zijn absentie.[31]

 

Velen beweren dat Egypte vanaf dit moment onder het protectoraat van Rome was gevallen. Daar is discussie over mogelijk aangezien de Romeinen heel lang onverschillig hebben gestaan tegenover de Egyptische zaken, door het verval van de macht en door de afstand van Egypte tot de primaire Romeinse interesses in het Oosten. Natuurlijk waren er figuren in Rome die wel veel interesse voor Egypte tonen. Rome observeerde de zaken meer dan dat ze ingreep.[32]

 

In Egypte werden enkele Romeinse troepen achtergelaten om de koning te beschermen, de Gabiniani.

Papyrologische en epigrafische bronnen tonen aan dat Egypte de zwartste periode van zijn geschiedenis onder PtolemaeÔsch bewind meemaakte. Door de hoge sommen die Auletes nodig had om zijn politiek te financieren, ging de rurale bevolking gebukt onder overdreven hoge belastingen. Deze bevolking reageerde, zoals ze reeds een eeuw moest doen: door stakingen en vlucht; de dorpen ontvolkten; de landen bleven braak liggen; er was onzekerheid alom en de economie was volledig ineengestort. Zoals zijn voorgangers deden, probeerde Auletes zijn gedrag te compenseren door toegevingen te doen aan de clerus. Maar het verlenen van het asielrecht en de philantropa was beperkt tot een bepaalde klasse, de clerus, de situatie in de chŰra werd er niet door verbeterd. Daarbij stelde hij de Romeinse financier C. Rabirius Postumus aan als dioiketes om zijn schulden te regelen ten nadele van de Egyptische bevolking.[33]

 

Ptolemaeus XII stierf in 51 v.C. Hij liet vier kinderen na: Cleopatra VII, Ptolemaeus XIII, Ptolemaeus XIV en ArsinoŽ IV.

Reeds bij het einde van zijn heerschappij nam hij Cleopatra VII als co-regent. In zijn testament werd de oudste broer bij haar op de troon voorzien. Hij stelde Rome ook verantwoordelijk voor het voortbestaan van de dynastie. Elke opvolging van de troon zou moeten gebeuren onder het toezicht van Rome.

Zijn politiek had Egypte een zekere autonomie gegarandeerd, maar had ook het niveau van Romeinse tussenkomst in Egypte vergroot.[34]

 

 

1.4. De regering van Cleopatra VII tot het einde van het PtolemaeŽnrijk in 30 v.C.

 

1.4.1 De opvolging door Cleopatra VII tot de Alexandrijnse oorlog in 47 v.C.

 

Talrijke boeken en artikels werden geschreven over de meest bekende Cleopatra, Cleopatra VII.[35] Het is niet onze bedoeling een uitgebreide analyse te geven van haar leven, haar doelen, haar reputatie. Hetgeen volgt is een korte bespreking waarin de belangrijkste punten worden aangegeven. We proberen de zaken ook niet uit Romeins standpunt te bekijken, zoals vele studies deden, maar we beperken ons tot de situatie in Egypte.

 

In het begin van haar regering bevond Egypte zich in een miserabele toestand. Het land was territoriaal ingekrompen, alleen Egypte zelf bleef over. De afhankelijke gebieden Coele SyriŽ, Cyrene en Cyprus waren nu in Romeinse handen. De waardigheid van de koninklijke familie was nooit zo laag geweest, de koning was een lakei van de Romeinen.

Toch wanneer het rijk helemaal verloren leek te zijn, konden de PtolemaeŽn bijna een gebied in hun macht krijgen dat zich uitstrekte over al de voorouderlijke bezittingen en meer. In een periode dat de macht van Rome zo groot was, slaagde de koningin erin deze macht te gebruiken als instrument om haar doelen te bereiken. Haar aantrekkelijkheid speelde een determinerende rol op politiek en militair gebied.

 

Kort na de troonsbestijging verdreef Cleopatra VII haar broer Ptolemaeus XIII en regeerde alleen voor achttien maanden. Bij de herfst van 50 v.C. kregen aanhangers van Ptolemaeus XIII de bovenhand. Dit blijkt in een prostagma van 27 oktober waarin de koning voor de koningin word vernoemd.[36] Het beveelt de verkopers van graan en groenten, die gekocht werden in Midden-Egypte, al hun producten naar AlexandriŽ te transporteren op straffe van dood. De overheid wou zo de hongerrellen onderdrukken in AlexandriŽ.

Andere documenten tonen ook de moeilijke economische situatie; overbelasting, anachoresis als gevolg en ontvolking van bepaalde gebieden. Alleen de priesters waren achtergebleven in hun heiligdommen. Zij hadden vaak te kampen met dieven. Tussen 50 en 48 v.C. teisterde een extreme droogte het land, die de al zo onevenwichtige economie nog verslechterde. In 48 v.C. was de Nijloverstroming een derde minder groot dan normaal.[37]

In Opper-Egypte was het rustig in deze periode. Dit is te wijten aan de goede invloed van de familie van Kallimachus.[38]

 

Terwijl er in Egypte een nieuwe dynastieke twist tussen Cleopatra VII en Ptolemaeus XIII oplaaide, werd de burgeroorlog tussen Pompeius en Caesar uitgevochten te Pharsalus in Griekenland in augustus 48v.C. Bij zijn nederlaag vluchtte Pompeius naar Egypte.

Cleopatra VII en haar broer werden beiden gesteund door een menigte Alexandrijnen. Uitgesloten van het regentschap, nam ze de vlucht naar de Arabo-Palestijnse grenzen om er een troepenmacht te verzamelen. Ptolemaeus XIII maakte Pelousion klaar voor de verdediging.

Het PtolemaeÔsche huis was verplicht Pompeius hulp te verlenen door de vriendschapsrelatie opgebouwd door Ptolemaeus XII en Pompeius. Maar nu pleegde de dynastie hoogverraad door Pompeius te vermoorden bij zijn aankomst in de haven van Pelousion. Hiermee wou ze aan Caesar tonen dat ze elke band met de vijand wou verbreken om een invasie van hem in Egypte te vermijden.

De rest van het verhaal is goed gekend. Enkele dagen later kwam Caesar in AlexandriŽ aan. Hij zorgde voor een verzoening tussen de twee regenten. Caesar had de gevaren van een complexe situatie onderschat en weldra volgde een oorlog in de stad, de Alexandrijnse oorlog.[39]

 

1.4.2 Vanaf de Alexandrijnse oorlog in 47 v.C. tot de Iden van maart in 44 v.C.

 

We wijden hier niet verder uit over deze oorlog.[40] Ptolemaeus XIII verdronk in de strijd en na zijn overwinning besloot Caesar de positie van Cleopatra als koningin van Egypte te versterken. Puur formeel werd haar jongere broer naast haar op de troon gezet, Ptolemaeus XIV.

 

Een tocht op de Nijl van de twee geliefden in de lente van 47 v.C. versterkte haar prestige bij de inheemse bevolking. Caesar kon kennis maken met het land dat nu heel direct aan zijn eigen persoon was verbonden. Daarna verliet Caesar Egypte en liet drie legioenen achter.

 

Enkele weken na zijn vertrek, beviel Cleopatra van een zoon, Ptolemaeus XV Caesar, Caesarion genoemd. Een jaar later vertrok Cleopatra met haar zoon en broer naar Rome, in de eerste plaats om de vriendschap en bondgenootschap met het Romeinse volk en de senaat te vernieuwen. Uiteindelijk ging het er ook om Caesar te bezoeken. Ze verbleven in Rome tot de Iden van Maart 44 v.C., de dag waarop Caesar werd vermoord.

Cleopatraís effect op Caesar mag niet onderschat worden. BeÔnvloed door haar, ging hij meer en meer als een hellenistisch vorst regeren.

Na Caesars dood, vertrokken de PtolemaeŽn terug naar AlexandriŽ. Cleopatra had haar doel, Caesarion tot enige mannelijke erfgenaam van Caesar uit te roepen, niet bereikt.

Snel na hun thuiskomst liet ze haar broer vermoorden. Haar zoon werd haar coregent.[41]

 

1.4.3 Onzekere jaren voor Egypte van 44 tot 31 v.C.

 

Vanuit Egypte volgde Cleopatra de strijd die volgde op Caesars dood. Tot de slag te Philippi in 42 v.C., waar Antonius en Octavianus de overwinning haalden, deed Cleopatra niets om de overwinnende, noch de overwonnen partij te steunen. Deze politiek van inactiviteit was verstandig.

Na de overwinning werden de machten verdeeld onder de triumviri, Antonius kreeg het oosten toegewezen.

 

Hij vroeg Cleopatra hem te ontmoeten in Tarsos in Cilicia. Antonius wou zeker zijn van haar steun in de Parthische oorlog die zou volgen.[42] Met Antonius aan haar zij had Cleopatra de macht om moorden op haar vijanden te laten uitvoeren. Zo werden haar zus ArsinoŽ IV en de ex-strateeg van Cyprus, die was gevlucht na Philippi, vermoord.

 

Cleopatra en Antonius leidden een leven vol luxe en feesten. De details van hun relatie zijn goed gekend. Wij kijken vooral naar de ambities van het koppel.

In het begin had Cleopatra ambities gekoesterd: haar eigen politieke overleving en de voortzetting van het koninkrijk. De eerste had ze kunnen bereiken door haar broer te vermoorden, de tweede hing af van de goede wil van de vertegenwoordiger van de Romeinse macht in het oosten, Antonius. Pas later ontdekte ze welke invloed ze op hem had. Ze buitte zijn militaire en politieke macht uit om de PtolemaeÔsche macht te restaureren. Antonius aan de andere kant zag in Egypte een goede bron van inkomsten om zijn oorlog tegen de Parthen te financieren.[43] Als er sprake was van passie, dan zeker gemengd met politieke belangen.

 

Hij organiseerde het oosten volgens een systeem van provincies, bestuurd door Romeinen. Deze waren BithyniŽ, SyriŽ en AziŽ.

In 37 zag hij Cleopatra terug na drie jaren scheiding. In tussentijd was hij gehuwd met Octavia, de zus van Octavianus. Dit huwelijk werd gesloten na het verdrag van Brindisium, waar de macht van de triumviri werd vernieuwd. Het moest een eventuele oorlog tussen Antonius en Octavianus verhinderen.

Antonius voerde een herverdeling van de territoria in, waarbij aan Cleopatra aanzienlijke delen werden gegeven. Ze kreeg het koninkrijk van Chalkis in Libanon, Judea en de naburige regio van het NabataeÔsche koninkrijk, gronden in Creta en de stad Cyrene. Deze giften maakten het systeem gemakkelijker met het oog op de expeditie tegen de Parthen. Het was belangrijk dat de gebieden bestuurd werden door bekwame personen. Ook voor inkomsten voor de expeditie en voor een eventuele oorlog met Octavianus, was de steun van de Egyptische koningin belangrijk.

In de propaganda van de koningin werd de gebiedsuitbreiding gezien als haar overwinning. In Rome werden deze giften met argwaan bekeken.[44]

 

De invloed van Cleopatra was niet gering, zoals ze ook bij Caesar had gedaan, liet ze Antonius evolueren naar een hellenistisch heerser.

 

In de herfst van 37 v.C. werd in het verdrag van Tarentum de macht van het triumviraat nogmaals vernieuwd. Dit gaf Antonius de kans zich volledig op de oorlog tegen de Parthen te concentreren. De campagne in ArmeniŽ en MediŽ van 36 v.C. liep echter minder goed af dan voorzien. Na een tweede campagne in ArmeniŽ, werd het land geannexeerd.

Hij hield een triomftocht in 34 v.C. in AlexandriŽ, dat een tweede Rome werd. Bij deze gelegenheid werden de kinderen van Cleopatra en Antonius gekroond, de jongste Ptolemaeus Philadelphus, geboren in 36 v.C. werd koning van PhoeniciŽ, CiliciŽ en de Syrische grond tot aan de Eufraat en Alexander Helios, geboren in 40 v.C., kreeg AziŽ aan de andere kant van de Eufraat, dus ArmeniŽ, MediŽ en heel het Parthenrijk zou hij gemakkelijk kunnen innemen. Cleopatra Selene, de tweelingzus van de laatste, kreeg Cyrene en het naburige LibiŽ. Daarbij treedden Cleopatra en Antonius in het huwelijk, een huwelijk dat door de Romeinse wet niet werd erkend .

 

Nadat Sextus Pompeius en Lepidus geŽlimineerd waren in 36 v.C. werden de oost-west rivaliteiten heviger.

In 35 v.C zou Antonius een nieuwe campagne voeren tegen de Parthen, maar toen hij hoorde dat Octavia hem tegemoet zou komen, keerde hij terug en verzocht haar niet te komen. Dit zorgde voor reactie van Octavianus, die vond dat hij zijn zus verkeerd behandelde.[45]

 

In december 33 v.C. was het triumviraat voorgoed afgelopen.

In datzelfde jaar stuurde Antonius Octavia een echtscheidingsbrief, beÔnvloed door Cleopatra. Dit was een enorme belediging voor de zus van Octavianus en deze laatste zorgde door een grootse propaganda voor een openlijke oorlogsverklaring.

In het testament van Antonius werd Caesarion nogmaals erkend als zoon van de grote Caesar. De inhoud van het testament werd sterk bekritiseerd door Rome en het volk begon te geloven dat Antonius de hoofdstad van het rijk van de Tiber naar de Nijl wou verplaatsen als hij zou winnen. Vanaf dit moment werd Cleopatra als een monster gezien. Zo werd ook de grondslag voor de ideologie van het latere principaat gelegd, in de welke Augustus wordt voorgesteld als vindex libertatis.

 

In de lente van 31 v.C brak de oorlog uit. Cleopatraís invloed valt niet te onderschatten. Waarschijnlijk was ze de oorzaak van Antoniusí mislukking om Octavianus aan te vallen in ItaliŽ, hoewel hij de militaire overmacht had. Zij verkoos een verdedigende tactiek vanaf Cyrene tot de Ionische zee en ze wou een invasie door Octavianus vermijden. Dit bewijst dat ze haar koninkrijk wou verdedigen en geen plannen koesterde Rome aan te vallen, zoals Octavianusí propaganda voorspelde.

Na de nederlaag bij Actium op 2 september 31 v.C., bracht Cleopatra haar land in staat van verdediging. In de lente van 30 v.C. rukten de legers van Octavianus op ten oosten en westen naar Egypte. Op 1 augustus 30 viel Octavianus AlexandriŽ binnen en maakte officieel een einde aan het PtolemaeŽnrijk.

 

Cleopatra ging naar haar mausoleum en liet Antonius door een boodschap weten dat ze dood was, daarop pleegde Antonius zelfmoord. Misschien dreef Cleopatra hem tot zelfmoord om verdere mogelijkheden niet uit te sluiten.[46]

Ze wou zichzelf niet opofferen als spektakel in Octavianusí triomftocht in Rome en regelde haar plan om zelfmoord te plegen. Plutarchusí verhaal over haar dood, vindt een plaats in de wereldliteratuur. Of ze nu al dan niet door een slangenbeet werd gedood, blijft een mysterie.[47]

 

De Romeinse interventie samen met Ptolemaeus XIIís omkopingspolitiek verzwakten Egypte hopeloos. 30 v.C. is dan ook het begin van de geschiedenis van de Romeinse provincie Aegyptus.

Caesarion, de natuurlijke zoon van Caesar, werd door Octavianus, zijn adoptiefzoon brutaal vermoord. De kinderen van Antonius en Cleopatra werden opgevoed door Octavia.[48]

 

Op sociaal-economisch gebied ging het de eerste jaren van het bewind van Cleopatra VII moeilijk. De jaren 40 waren gekarakteriseerd door hongersnood veroorzaakt door de lage stand van de Nijl. Cleopatra verdeelde graan uit de koninklijke opslagplaatsen over de inwoners van AlexandriŽ. De chŰra en in het bijzonder Opper-Egypte moesten in hun eigen noden voorzien.

De inflatie stopte ook niet. Maar uit de sommen die Cleopatra VII aan Antonius gaf, in geld en natura, blijkt dat een harde exploitatie van het land nog steeds mogelijk was, waarschijnlijk ten koste van de landbouwbevolking die relatief kalm reageerde in vergelijking met de vorige periodes.[49]

In de latere regeringsjaren is wel een verbetering merkbaar. In de papyrologische bronnen vinden we geen klachten van de bevolking terug en wel een verhoogde productiviteit in de landbouw.[50]

In 36 v.C. nam Cleopatra de titel Ďkoningin Cleopatra, de Godin, de Jongere, Vaderlievend en Vaderlandlievendí aan. Deze titel gebruikte misschien als propagandamiddel om in te gaan tegen de beschuldigingen dat ze haar land aan de Romeinen verraadde. Of misschien school ook een element van waarheid in de titel. Ze was tenslotte de enige PtolemaeÔsche regent die de taal van het land sprak, haar edicten werden gepubliceerd in het demotisch en in het Grieks, ze herwon Cyprus van Caesar en delen van SyriŽ van Antonius en na de Alexandrijnse oorlog in 47 v.C. herstelde ze de voorspoed in het land.[51] 

 

home lijst scripties inhoud vorige volgende

Problemen met Griekse tekst?

 

[9] W.M‹LLER, in Proceedings of the IX International Congress of Papyrology, ed. L.AMUNDSEN-V.SKANLAND, Oslo, 1958, p. 183-193; H.MAEHLER, in BICS 30, (1983), p. 1-16; LINDA RICKETTS, in Life in a Multicultural Society, Chicago, 1992, p. 275-281.

[10] Dit was het Syrische gebied: Palestina en Libanon.

[11] In de slag te Panium, op de grens tussen Palestina en Libanon, verloren de PtolemaeŽn definitief de heerschappij over Palestina.

[12] Voor algemene informatie over deze periode zie: A.BOUCHE-LECLERCQ, Histoire des Lagides, deel I: Les cinq premiers Ptolťmťes (323-181 avant J.C.), Parijs, 1903; deel II: Dťcadence et fin de la dynastie (181-30 avant J.C.), Parijs 1904; E.BEVAN,The House of Ptolemy, a History of Egypt under the Ptolemaic Dynasty, Chicago, 1968 (eerste editie = 1927); E.WILL, Histoire politique du monde hellťnistique (323-30 av.J.-C.), Nancy, (1982)≤; G. H÷LBL, a History of the Ptolemaic Empire, Londen-New York, 2002 = vertaling van Geschichte des PtolemaŽrreiches, Politik, Ideologie und religiŲse Kultur von Alexander dem Groben bis zur rŲmischen Eroberung, Darmstadt, 1994; CAH, VII, deel 1: The Hellenistic World, (1984)≤; IX: The Last Age of the Roman Republic 146-43 B.C., (1994)≤.

[13] Paus., I, 9.1-3.

[14] E.BEVAN, p. 326. Volgens CAH IX, p 315. waren Ptolemaeus en Ptolemaeus Alexander alleen halfbroers. Als gemeenschappelijke vader hadden ze Euergetes II, de eerste wordt gezien als zoon van Cleopatra II, de tweede als zoon van Cleopatra III. Dit wordt afgeleid uit Egyptische hiŽrogliefen op de tempelmuren van Edfou en staat tegenover de versie van de antieke auteurs.

[15] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 86-91; E.BEVAN, p. 326-327; E.WILL, p. 440; G.H÷LBL, p. 204-205; CAH IX, p. 315; J.WHITEHORNE,Cleopatras, Londen, 1994, p. 132.

[16] In de koninklijke documenten werd de moeder altijd eerst genoemd, wat het belang van Cleopatra III aanduidt. In de loop van de tweede eeuw werden de echtgenotes steeds belangrijker. We zagen reeds de ambities van Cleopatra I en Cleopatra II. Deze ontwikkeling zal later culmineren in de persoon van Cleopatra VII. G.H÷LBL, p. 206.

[17] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 91-93; E.BEVAN, p. 328; G.H÷LBL, p. 206; J.WHITEHORNE, p. 136.

[18] Wanneer Grypus werd vermoord in 96 v.C., trouwde ze met zijn rivaal Cyzikenus. Deze laatste werd een jaar later vermoord en dan trouwde ze met de zoon van Cyzikenus, Eusebes en dit werd haar vierde huwelijk. J.WHITEHORNE, p. 166-169.

[19] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 93-102; E.BEVAN, p. 329-330; G.H÷LBL, p. 207-209; J.WHITEHORNE, p. 136-142.                                                

[20] Dit is de versie van de antieke bronnen, zoals: Paus., I.9.3; Poseidonius, FGH 87 F26. Het kon ook een natuurlijke oorzaak zijn, ze was niet ver van de zestig. We weten het niet met zekerheid.

[21] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 103-106; E.BEVAN, p. 331; E.WILL, p. 441; G.H÷LBL, p. 210; CAH IX, p. 315.

[22] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 108-109; E.BEVAN, p. 332; E.WILL, p. 441; G.H÷LBL, p. 210; CAH IX, p. 316.

[23] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 109-111; E.BEVAN, p. 332-334; G.H÷LBL, p. 210-211; CAH IX, p. 316.

[24] zie verder hoofdstuk 3.

[25] zie hoofdstuk 4, paragraaf 2.

[26] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 112-115; E.BEVAN, p. 334-341; E.WILL, p. 517-518; G.H÷LBL, p. 211-213; CAH IX, p. 316-318.

[27] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 116-120; E.BEVAN, p. 342; E.WILL, p. 518-519; G.H÷LBL, p. 213;  CAH IX, p. 318; J.WHITEHORNE, p. 176.

[28] Cassius Dio, (Rwmaikh\ i(stori/a, XXXIX, 12-16; XXXIX, 55-58; Appianus, (Rwmaika/, SURIAKH, XI, 51; MIQRIDATEIOS, XII, 114.

[29] zie verder hoofdstuk 5.

[30] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 121-144; E.BEVAN, p. 343-355; E.WILL, p. 519-522; G.H÷LBL, p. 222-227.

[31] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 144-165; E.BEVAN, p. 355-357; E.WILL, p. 523; G.H÷LBL, p. 227-230.

[32] E.WILL, p. 523; voor de debatten over de kwestie te Rome, zie A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 153-163.

[33] E.WILL, p. 525-526. Zie ook verder

[34] E.BEVAN,p. 356; G.H÷LBL; p. 230.

[35] Voor de klassieke auteurs, zie hoofdstuk 5, paragraaf 4.

[36] C.Ord.Ptol., nį73, p. 204-207.

[37] E.WILL, p. 530-531; G.H÷LBL, p. 231; zie hoofdstuk 4, paragraaf 1.

[38] E.BEVAN, p. 362.

[39] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 182-213; E.BEVAN, p. 362-363; E.WILL, p. 531-532; G.H÷LBL, p. 232-233; M.CHAUVEAU, LíEgypte au temps de Clťop‚tre, 180-30 av.J.-C., Saint-Amond-Montrond, 1997, p. 29-31.

[40] Voor meer informatie zie A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 197-213; E.BEVAN, p. 364-365; G.H÷LBL, p. 233-237.

[41] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 213-228; E.BEVAN, p. 366-369; E.WILL, p. 532-536; G.H÷LBL, p. 238-239; M.CHAUVEAU, p. 32-33.

[42] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 233-235; E.BEVAN, p. 373; E.WILL, p. 540; G.H÷LBL, p. 240;

[43] E.WILL, p. 544; M.CHAUVEAU, p. 35.

[44] E.BEVAN, p. 375; E.WILL, p. 544-546; G.H÷LBL, p. 242; M.CHAUVEAU, p. 35-36.

[45] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 251-285; E.BEVAN, p. 375-376; E.WILL,p. 549-551; G.H÷LBL, p. 243-244; M.CHAUVEAU, p. 36.

[46] Dit kan ook de invloed van de legende zijn die haar in een negatief licht plaatst. In Plutarchus lezen we dat Cleopatra, wanneer ze zag dat de oorlog in Actium gewonnen zou worden door Octavianus, Antonius verliet in de hoop op goede voet met de overwinnaar te staan. Antonius wordt voorgesteld als een verliefde dwaas.

[47] Zie ook L.MOOREN, De dood van Cleopatra, in Kleio 30, (2000-2001), p. 76-77; Kleio 30, 2001: Kleio goes Cleo, werd volledig gewijd aan de figuur van Cleopatra.

[48] A.BOUCHE-LECLERCQ, p. 291-359; E.BEVAN, p. 376-383; E.WILL, p. 551-552; G.H÷LBL, p. 244-249.

[49] E.WILL, p. 538.

[50] zie hoofdstuk 5, paragraaf 1.

[51] H.MAEHLER, Egypt under the Last Ptolemies, in BICS 30, (1983), p. 8.

 

 

Problemen met de weergave van de Griekse tekst?

 

Op sommige pagina's komen delen voor in Grieks tekstschrift. Indien u deze tekst niet kan lezen maak dan gebruik van volgende mogelijkheden: